Schilder om de Noord: Jan van der Baan

Een kleurenlitho – een steendruk – van Jan Lucas van der Baan (1912-1999), destijds tekenleraar aan de Meisjes HBS en aan de Gemeentelijke HBS in Groningen, en ook jarenlang bestuurslid van De Ploeg.

TEKST
Piet Spijk

De kleurenlitho is gedrukt van even veel stenen als er kleuren zijn gebruikt. Daarbij zijn ook kleuren over elkaar afgedrukt, waardoor er mengkleuren zijn ontstaan. Het valt op dat de kleurvlakken een wat gespikkelde structuur hebben; om dit effect te verkrijgen moet Van der Baan de stenen grof hebben geschuurd.
De zware lithostenen had hij uiteraard niet bij zich als hij buiten ging tekenen. Ter plaatse maakte hij een tekening of een aquarel, en zette vervolgens de voorstelling in zijn atelier op de steen.
Links- en rechtsonder staat in potlood: ‘no 16/25 eigen druk’ en ‘J.L. v.d. Baan 1978’. 16/25 betekent dat er 25 afdrukken zijn gemaakt en dat dit de zestiende is.

Abstract werk

Van der Baans oeuvre is nogal gevarieerd: hij maakte schilderijen, aquarellen, tekeningen en grafiek. Kenmerkend voor zijn werk is dat er meestal geen zweem van somberheid in is te vinden. Hij schilderde veel in de stad Groningen en ontdekte daar de sterk grafische eigentijdse beelden in de naoorlogse nieuwbouw en het verkeer in de binnenstad. Meestal werkte hij figuratief, maar het moderne beeldmateriaal in de straten van de stad inspireerde hem dikwijls tot vrije composities.
Een bijna abstract werk als het hier afgebeelde is bij Van der Baan een uitzondering. Wat moet je ermee?

Weidse waddenlandschap

Ik heb de litho voorgelegd aan een aantal mensen.
De meesten interpreteerden het blauwe vlak al gauw als de lucht. Zijn de gekleurde strepen misschien bollenvelden (een Haarlemmer)? Of is de okergele strook een duinenrij op een van de eilanden? Hebben de geelgroene vlekken op de voorgrond dan te maken met de kwelder, of een zandplaat?
Het is het wad, misschien wel het meest karakteristieke landschap van het Noorden. Van der Baan ging vaak naar de eilanden, en overnachtte graag in de boot op het drooggevallen wad. Vroeg wakker geworden, is hij wellicht onder de indruk van het weidse landschap en verrast door de subtiele kleurschakeringen aan de horizon. De kleurenstroken zijn dan geen duinen of zandbanken, maar de tinten van de zonsopgang. De horizon zou dan onder in het beeld moeten liggen, net boven de groene vlekken. Daarmee wordt de ruimte verticaal nog veel immenser; probeer het maar eens zo te zien. Maar, de horizon meteen boven de drooggevallen grond? Dat kan niet, als je het realistisch wilt zien.
Van der Baan kan ook op het heetst van de dag het wad met luchtspiegelingen tegen een eiland in de verte hebben vastgelegd. Het is ook mogelijk dat hij elementen van het waddenlandschap zoals hij die beleefde op verschillende tijdstippen van de dag, in één compositie bijeenbracht; dat deed hij ook in zijn vrije arrangementen van wat hij zag in de straten van de stad. Het werk geeft zijn geheimen niet zo gemakkelijk prijs.

Onmetelijke ruimte en rust

Hoe het ook zij, het is duidelijk dat Van der Baan het wad in kleur en vorm reduceerde tot de essentie: een onmetelijke ruimte en rust. De kleurenstroken staan voor het horizontale van het waddenlandschap, wat nog versterkt wordt doordat je je kunt voorstellen dat ze links en rechts buiten het beeld eindeloos doorgaan. Een vage vlucht trekvogels, die het beeld-in-rust en de stilte doorbreekt, accentueert de eindeloosheid. Het enige wat concreet is aangeduid, is de plek waar de beschouwer zich bevindt: de nog natte zandbank op de voorgrond in een groot, wit, ‘leeg’ vlak.

Abstracte impressie

De kleuren oudroze, okergeel en oranje kunnen realistisch zijn bedoeld; zonsopgangkleuren kunnen zo zijn. Toen Claude Monet in 1872 de zonsopgang boven de monding van de Seine vastlegde (Impression, soleil levant), was dat, zoals de titel al zegt, een ‘impressie’; het schilderij wordt beschouwd als het eerste werk van het befaamde impressionisme. Het valt op dat er soortgelijke kleuren in voorkomen als in het werk van Van der Baan. De kleurenlitho zou je een abstracte impressie kunnen noemen.

Helderheid en openheid

De eerste kleurenstrokenschilderijen kwamen omstreeks 1960 uit Amerika; de stroming staat bekend als de Post-Painterly-Abstraction. De filosofie achter deze stijl even buiten beschouwing latende, had dit werk onder andere helderheid en openheid als kenmerk. Daar herkennen we ook iets van in deze op het wad geïnspireerde kleurenlitho.

Sluit je aan bij Noorderbreedte!
Laat u informeren en inspireren over alles wat mooi, bijzonder en in ontwikkeling is in het Noorden!
vanaf €37,50