Stadshart IJlst wordt pittagoresk en rustitatiek

Als een monumentaal gebouw of stadsstructuur Hans en Grietje-romantiek krijgt en het schilderachtige onwaarachtig wordt, noemen ze dit wel ‘pittagoresk’ of ‘rustitatiek’. Het zijn pijnlijke aanduidingen; ze duiden vooral op een gebrek aan goede smaak en intelligentie. Over de plannen voor het stadshart van IJlst hoorde de auteur die rare woorden; mogelijk heeft hij ze zelf ook al eens gebruikt.

TEKST
Peter Karstkarel

IJlst is schilderachtig. De laat-middeleeuwse structuur is nog gaaf: een ongeveer 700 meter lange gracht met twee flauwe bochten, aan weerszijden tuinen en bleken en aan de meebuigende straten met leilinden een vrij gesloten, kleinschalige bebouwing; achter die bebouwingsstroken diepe, nauwelijks bebouwde achterterreinen, aan weerszijden afgesloten door de smalle Dijgrachten die tezamen een ringgracht om de stadskern vormen. Deze kwaliteiten worden hoog geroemd in de beschrijving van het beschermde stadsgezicht. De stadsstructuur is zo goed bewaard, omdat het vanaf de achttiende eeuw minder met IJlst ging. De brede overkluizing voor de voormalige Nooitgedagt-fabriek is de enige verstoring van dat gave beeld: een vlakte zonder maat of geleding.

Nooitgedagt

In 1950 ging het na eeuwen neergang weer beter. De uit 1865 daterende Nooitgedagt-fabriek draaide dat het een lieve lust was: schaatsen, houten speelgoed en gereedschappen. Het hielp veel mensen aan werk en verhoogde de roep van de stad: Nooitgedagt was synoniem aan kwaliteit. Een halve eeuw geleden werd besloten om vóór de fabriek een aanzienlijk deel van de Stads-Ee te overkluizen. Bovendien nam het bedrijf aan de overkant terreinen in gebruik voor opslag. Het prachtige bedrijf trok een stevige wissel op het historische stadsbeeld.

Niet berekend op de auto

IJlst lag vanouds in een perfecte infrastructuur, met naar alle kanten verbindingen over water. Maar voor het in de twintigste eeuw snel in belang groeiende wegverkeer was de stad slecht te bereiken. Vanuit Sneek kon je alleen naar de stad komen over de smalle Hemdijk en de Stadslaan. De Sudergoweg, die de Lemmerweg met het midden van de stad verbond, haalde IJlst uit dit isolement. Met de voltooiing van de Sneekerrondweg in de A 7 kwam er naast de spoorweg ook nog een goede wegverbinding aan de noordzijde. Het dilemma was geboren. Nooit had IJlst over een doorgaande route beschikt, maar nu kon de kwetsbare oude stadsstructuur tussen Stadslaan en Sudergoweg als verkeerscircuit gebruikt worden. De auto was een alledaags vervoermiddel geworden en daar was de monumentale stad niet op berekend.

Alles is even mooi

In de jaren tachtig groeide het bewustzijn dat IJlst een stedelijk monument was waar de fabriek slecht in paste. Het stadsbestuur verkende bij de Rijksdienst voor de Monumentenzorg of IJlst als beschermd stadsgezicht kon worden aangewezen. Het bestemmingsplan van 1981 hield al rekening met die monumentenstatus. In 1985, een jaar nadat de stad haar zelfstandigheid verloor en hoofdstad van de gemeente Wymbritseradeel werd, wees de minister IJlst aan tot beschermd stadsgezicht. De beschrijving die bij die status hoort, staat vol met loftuitingen over de stad: alles is even mooi, gaaf en karakteristiek. IJlst is pittoresk en rustiek als geen enkele andere Friese stad. Maar in dit stedelijk monument paste de fabriek slecht en het doorgaande verkeer behoorde geweerd te worden. Niet lang daarna verkaste Nooitgedagt mooi naar het nieuwe industriegebied Roodhem, de kolossale fabriek aan de overkluizing en een slordig opslagterrein aan de overkant achterlatend. Hierdoor kwamen er prachtige kansen voor nieuwe impulsen.
IJlst gonsde, de verwachtingen waren hoog gespannen. Onder de bevolking vormden zich twee groepen: zij die de lelijke fabriek wilden slopen, en zij die het grote gebouw als industrieel erfgoed wilden bewaren, restaureren en een nieuwe functie geven. Over de overkluizing was iedereen het eens: weg ermee. Het gemeentebestuur nam bovendien de gelegenheid te baat om de verkeerscirculatie aan te pakken en de kansen voor woningbouw te benutten. Het liet vier ontwikkelaars plannen voor de vernieuwing van het stadshart indienen en een stuurgroep (vol betrokken politici, maar zonder vaklieden) ging de ideeën beoordelen.

Link

De voorkeur ging uit naar de plannen van Mabon – thans HBG Vastgoed BV. Het plan bevat een aantal principiële keuzes. De overkluizing wordt teruggebracht tot een stenen brug van normale afmetingen. Een deel van Nooitgedagt blijft bestaan en ingevuld met appartementen en bijzondere functies. Na bodemsanering wordt het gat opgevuld met woningbouw, maar er komt ook een wegaansluiting met de Ruterpolder. Dit is link, want het kan ooit aanleiding worden om het onzalige idee van woningbouw in de polder weer uit de lade te halen. Aan de overkant van de fabriek wordt van de Galamagracht een verbinding in oostelijke richting gemaakt met de Westergoleane, waardoor het doorgaande verkeer meteen weer de historische kern uit wordt geleid. Daarvoor moet een brug over de oostelijke Dijgracht worden gelegd. Verkeersdeskundigen vrezen dat dit extra doorgaand verkeer aan zal trekken. Monumentendeskundigen vrezen dat het wegenkruis de karakteristieke lengteas te zeer zal verstoren.

Supermarkt, de maat voor stedelijke ontwikkeling

Net als in Sloten behoort de kern helemaal verkeersluw te worden en alleen met auto’s toegankelijk te zijn voor bewoners. Met goede (ook nog gratis) parkeervoorzieningen buiten de stad is dat in Sloten goed geregeld. Maar in de kern van Sloten staat geen Golff-supermarkt. Soms krijg je in IJlst de indruk dat de supermarkt de maat is voor de stedelijke ontwikkelingen. Natuurlijk is zo’n winkel een belangrijke voorziening voor de bewoners. Als de gemeente met goede wil en wellicht enige financiële impuls zorgt dat er op een verkeerstechnisch goede plaats een nieuwe Golff komt, dan hoeft een dure verbinding met de Westergoleane niet eens en kan met goedkope en vriendelijke middelen het doorgaand verkeer gekeerd worden. Maar dan moeten er parkeerterreinen met flinke capaciteit buiten de kern bij de Stadslaan en de Sudergoweg komen. Desnoods kan eerst geprobeerd worden om zoiets in te richten op het nu lege opslagterrein van Nooitgedagt, maar dan moet de voorziening in groen worden ingepakt.

Ongeïnspireerd

Architect Hoogenberk heeft voor Mabon evenwel op dat terrein een stadsplein ontworpen. Aan de wens tot woningbouw – en wellicht voor een gedeeltelijke dekking van de kosten van het plan – wordt zo voldaan. Maar de woonfunctie hoort daar volstrekt niet. Het nieuwe plein concurreert met het echte centrum en staat haaks op de historische structuur. Het verstoort ‘het bijzonder waardevolle contrast tussen de beslotenheid van Galamagracht en Popmawal en de ruime en groene aanleg daarachter’, volgens het door het gemeentebestuur omarmde beschermde stadsgezicht. Het ergste is dat architect Hoogenberk zowel de nieuwbouw bij het restant van Nooitgedagt als de bebouwing aan het nieuw te vormen vreemde plein in een ongeïnspireerde pseudo-historische vorm steekt. Een niet passend plein, omgeven door onwaarachtige architectuur en met een kitscherig paviljoen: rustitatiek en pittagoresk. IJlst is zo eerlijk als goud; het voorgestelde is niet eens klatergoud, het is minder dan blik.

Sluit je aan bij Noorderbreedte!
Laat u informeren en inspireren over alles wat mooi, bijzonder en in ontwikkeling is in het Noorden!
vanaf €37,50