westerkade 2

Waarom zijn we in Noord-Nederland toch zo gevoelig voor bestuurders die iets roepen met als belangrijkste doel ons aan het denken te zetten? Waarom is het in deze contreien in het algemeen en in Drenthe in het bijzonder nog altijd gevaarlijk je kop boven het maaiveld uit te steken?

TEKST
Lukas Koops

Het jongste voorbeeld is de commotie over een uitspraak van CDA-staatssecretaris Bijleveld over krimp. Met name noordelijke bestuurders vielen massaal over haar heen, toen ze de indruk wekte potentiële kopers te willen ontmoedigen een nieuwbouwhuis aan te schaffen in zogenaamde krimpgebieden. De staatssecretaris deed niets anders dan collega-bestuurders oproepen om hun verantwoordelijkheid te nemen en in het belang van de burgers een evenwichtige woningmarktsituatie te creëren. Veel wethouders dromen nog altijd van groei, groei en nog eens groei. Zo lang dat nog zo is, is het niet erg dat iemand de verantwoordelijkheid neemt en hen wakker schudt.
Ook Jacques Tichelaar kwam er al snel achter dat je hier niet zo maar van alles kunt roepen. Hij werd vergeleken met het paard van Troje. Waarom? Hij had de euvele moed op te merken dat Drenthe niet simpelweg kan vasthouden aan het adagium dat de opslag van atoomafval in Drentse bodem voor eens en voor altijd verboden is, zoals het provinciale bestuursprogramma sinds jaar en dag meldt. In een samenleving die atoomenergie gebruikt, moet nagedacht worden over het afvalprobleem. Ook in Drenthe. Het is te simpel om alleen maar je eigen achtertuin te willen beschermen tegen ongewenste invloeden, dat op papier vast te leggen en vervolgens comfortabel achterover te leunen. Niet alleen voorstanders van atoomafvalopslag in de Drentse bodem mogen geacht worden na te denken over het afvalprobleem, maar ook tegenstanders. Dat is wat Jacques Tichelaar wilde zeggen en dat deed hij dan ook. Hij kreeg onmiddellijk te horen dat dat niet mocht.
In januari pleitte voorzitter Bert van der Haar van werkgeversorganisatie VNO-NCW Noord voor een bestuurlijke samenvoeging van de drie noordelijke provincies tot één landsdeel. Zou hij al stenen door de ruiten hebben gehad? In de ogen van veel regionalisten is zijn voorstel niets minder dan verraad. De bereidheid om over zo’n voorstel serieus na te denken, is nihil. Het is net als met de gemeentelijke herindeling in Drenthe van zo’n tien jaar geleden; niet de inhoudelijke afwegingen bepalen de discussie, maar de emoties. De plaats waar het nieuwe gemeentehuis moest komen en de naam van de nieuwe gemeente vonden mensen destijds veel belangrijker dan alle inhoudelijke argumenten die werden aangevoerd bij elkaar. Wat is er mis met de bundeling van de noordelijke bestuurlijke krachten om zo een sterk landsdeelbestuur te bewerkstelligen? Wat is er fout aan de keus voor een efficiënter bestuur voor geringere kosten in een tijd waarin drastisch bezuinigd moet worden? En wat deugt er niet aan een poging krachten te bundelen en daarmee sterker te staan in de onderhandelingen met de rijksoverheid? Het antwoord is simpel. Het mag hier alleen niet hardop gezegd worden.

Sluit je aan bij Noorderbreedte!
Laat u informeren en inspireren over alles wat mooi, bijzonder en in ontwikkeling is in het Noorden!
vanaf €37,50