Het Lauwersmeergebied is een kunstmatig aangelegd gebied, land, gemaakt uit zee.
Na de drooglegging van het gebied gingen alle zeevissen en -planten dood.  Ik las ergens dat het er een tijdlang behoorlijk heeft gestonken. De onderlaag van het nieuwe land bestaat dus uit zeebodem met resten van planten en dieren. Met dat idee ben ik aan de slag gegaan.

Ik heb fotogrammen gemaakt van wier, zoutwaterplantjes, schelpen en visgraten om daarmee kunstmatig, op de computer, een landschap samen te stellen, zoals het Lauwersmeergebied ook kunstmatig is ontstaan uit de zee.

Het maken van fotogrammen is een analoge techniek, die rond 1920 populair was bij de DADA beweging. Het werkt zo: op een lichtgevoelig stuk fotopapier en leg je, in de donkere kamer, een object, bijvoorbeeld een veer. Je belicht ongeveer een seconde en dan staat de afdruk van het object op het fotopapier. Ontwikkelen, fixeren en klaar. Het object op het fotogram is even groot als het oorspronkelijke object (contactafdruk) en daardoor is het beeld heel gedetailleerd.

Ik heb onderzocht op welke manier ik van de fotogrammen landschappen kan maken. Ik ben simpel begonnen:

Een boom en een horizon van wier, een eilandje; samen ziet het er ineens een beetje Japans uit.

Daarna probeerde ik iets anders: de planten in het Lauwersmeergebied hebben hun wortels in dingen uit de zee:

Een wortel die ik aan het strand heb gevonden met uitgebloeid fluitenkruid, veren en een zoetwaterplantje.

Nog een ander idee is een letterlijke stapeling: een zoetwaterplantje bovenop een meeuwenveer:

Uiteindelijk heb ik gekozen voor eenvoud: een haringgraat en uitgebloeid fluitenkruid naast elkaar: zoet uit zout: