In september moet de klus klaar zijn. Dan komt er een duck party, kondigt De Jonge aan. Iedereen die hem gesteund heeft bij het elektrificeren van zijn oude Eend, mag die dag een rondje rijden in het resultaat.

De Jonge (61), docent Spaans aan de Rijksuniversiteit Groningen, houdt van Lelijke Eenden. Zodra hij een rijbewijs had, kocht hij zo’n – in zijn woorden – ‘wonder van eenvoud, originaliteit en vormgeving’. Hij heeft inmiddels zijn zesde, een witte met blauwe biezen. Alweer 25 jaar geleden zag De Jonge de 2CV te koop staan langs de weg in Hattemerbroek. Een karretje om wat mee te toeren; toch geeft hij hem nog een drastische milieumake-over.
Het elektrificeren gaat in drie stappen, doceert De Jonge. Eerst heeft hij alles wat met de oude motor te maken heeft eruit gehaald, op de versnellingsbak na, om plaats te maken voor een elektromotor. Daarna heeft hij een op maat gemaakt elektronisch managementsysteem besteld. Als dat erin zit moet hij nog vijf accu’s installeren. Moeilijk is het niet, zegt hij. Wel prijzig, een slordige 25 duizend euro. Voor elke stap moet hij weer sparen. De Jonge probeerde een crowdfunding, maar die mislukte. De vrienden en een paar bedrijven die samen iets meer dan duizend euro doneerden, kregen hun giften terug.

Liefhebbers van antieke auto’s doen nog wel eens luchtig over klimaatproblemen, zegt De Jonge. Uit angst dat hun dierbare oude Mercedes of Ford wordt afgepakt, halen ze de schouders op over uitstoot. De Jonge was ook zo, moet hij bekennen. Maar nu is hij wel wakker. ‘De invloed van de mens op het klimaat valt niet te ontkennen. Er zijn zoveel gegevens. Ik ben zelf wetenschapper. Waarom zou ik mijn collega’s die zich daarmee bezighouden niet serieus nemen?’ Hij wil laten zien dat je ook oldtimers kunt saneren. Voor wie geen sleutelaar is, zijn er tegenwoordig de nodige garages die ombouwen naar elektrisch. De Jonge krijgt technische support van een garage in Delft, waar hij ook de benodigde onderdelen koopt. Thuis, in Zwolle, heeft hij zonnepanelen en ledlampen. Zijn houtkacheltje stookt hij niet meer. Hij gaat met de trein naar het werk. En hij tobt over wat te doen met zijn andere auto. ‘De bergen in Spanje zijn mijn smoes om een Land Rover te hebben.’ Hij en zijn vrouw bezoeken graag verlaten ruines in Spanje, dan is zo’n stevige wagen handig. Maar de groeiende dieselschaamte maakt dat de dagen van het ding geteld zijn.
De Jonge denkt erover een vereniging op te richten van mensen met geelektrificeerde oldtimers. Hem is wel gevraagd waarom hij zelf geen ombouwbedrijf begint. ‘Daar ben ik te oud voor. En ik heb een leuke baan aan de universiteit. Nou ja, zeg nooit nooit. Dan zou ik denk ik alleen Eenden ombouwen. Eenden ken ik goed.’