Sta stil. Adem, luister, fluister. Kijk om je heen en doe je best. Kijk goed en echt. Probeer iets te ontdekken. Het hoeft niet nieuw te zijn of spannend; het mag al jaren bestaan en je mag er al jaren langslopen. Maar laat het je deze keer opvallen.

Zomer

Het is zomer, dus het tempo mag een tikje lager dan normaal. Maar dat het mag betekent nog niet dat het makkelijk is om te doen. Zo’n tempo gaat in je zitten. Als dat tempo verandert, verandert je gemoedstoestand ook. Verhoogt het tempo? Dan raak je snel gestrest. Bij verlaging voel je onrust.

Die onrust is ongemakkelijk, maar misschien ook goed, als je je eraan overgeeft. Want wanneer je hoofd vol zit met gedachtes van drukte, is het niet leeg. En pas wanneer je hoofd leeg is begint het zichzelf te vullen. Het verwerkt, het laat los en het wordt creatiever. Bij leegte hoort diepte.

Wie ben je? Wie wil je zijn? Wat wil je ervaren? Grote, moeilijke vragen, die je niet even zomaar tussendoor aan jezelf stelt. Je stelt ze op een stille avond, of vlak voordat je gaat slapen. In rust.

Wat zou er gebeuren als je nog meer rust neemt? Welke vragen zou je dan stellen, welke antwoorden opper je? Hoe zou je je voelen? Vrij, verloren?

Het is zomer, dus het tempo mag een beetje omlaag. Ik sta stil. Ik maak leeg. Ik vul lege papieren met meanderende gedachten.

Verdwaal en filosofeer

Dat meanderen kan je filosoferen noemen. Het bouwt niet via een rechte lijn op naar een duidelijk doel, maar ondanks het gebrek aan een eindpunt kan het zinvol zijn. Een sloot of een rivier maakt onverwachte wendingen, kanalen zijn logischer. Maar waar kijken we liever naar? Welke willen we ontdekken en leren kennen, en welke begrijpen we al na één blik?

Eén van mijn favoriete filosofen is Epicurus. Hij schreef: ‘Laat niemand wanneer hij jong is het beoefenen van de filosofie uitstellen, en laat ook niemand wanneer hij oud is het filosoferen moe zijn. […] Wie beweert dat de tijd om te filosoferen nog niet is aangebroken, of dat deze tijd al achter hem ligt, is iemand die zegt dat het nog geen tijd is voor het geluk of dat die tijd al voorbij is. Daarom dient zowel de jongere als de oudere zich met filosofie bezig te houden—de laatste om ondanks het klimmen der jaren als een jonge man van het goede leven te genieten doordat hij met dankbaarheid denkt aan wat geweest is, de eerste om tegelijkertijd jong èn oud te zijn doordat hij vrij is van angst voor wat komen gaat. Wij moeten ons, kortom, wijden aan wat geluk brengt, want waar geluk is, hebben wij alles, en waar gelukt ontbreekt, doen wij alles om het te verkrijgen.’

Voor Epicurus zijn geluk en filosofie onlosmakelijk met elkaar verbonden, en ik denk dat hij gelijk heeft. Filosofie in de zin van nadenken over het leven. Waarom ik denk dat hij gelijk heeft? Stel je hebt twee mensen met vrijwel identieke levens: ze hebben dezelfde sociaaleconomische status, dezelfde mogelijkheden en talenten. Toch kunnen we ons goed voorstellen dat de één gelukkig en de ander ongelukkig is. Geluk gaat niet om wat je hebt, maar over wie je bent. Over hoe je nadenkt over dingen. Het gaat niet om wat je hebt, maar om hoe je nadenkt over je bezittingen. Ben je tevreden of wil je juist meer? Kun je het accepteren dat anderen meer hebben, of mooiere dingen, of meer talenten? Vind je het moeilijk als mensen slimmer zijn dan jij, of knapper?  

Hoe denk jij na? Zou je gelukkiger kunnen zijn als je anders nadenkt?

Niet-denken

Denken gaat beter na niet-denken. Een rommelige kast maak je eerst leeg, dan schoon. Pas dan zet je de spullen terug, op een nieuwe, ordelijke manier. Maar hoe maak je je hoofd leeg en schoon?

Een manier om te niet-denken is bijvoorbeeld mediteren, of mindfulness. Meditatie kent vele vormen. Het heeft vooral met aandacht te maken. Gerry Boesjes, de fotograaf van de afbeeldingen in dit stuk, inspireerde me. Hem viel de schoonheid van de weerbarstige, kleine natuur in de stad Groningen op. De schoonheid van onkruid. Fotografie kan meditatief zijn als het niet gaat om afdwingen, maar om kijken. Geen gemaakt beeld, maar juist aandacht voor wat er al is. 

Zo kan bijna alles meditatief zijn. Tijdens het afwassen kan je aan alle taken van die dag denken, maar je kan ook aan niets denken. Of aan het afwassen. Of aandachtig bekijken hoe je dat ene vuiltje weg krijgt als je met je spons en het nieuwe schoonmaakspulletje wat je gekocht hebt er goed tegenaan schrobt. Dat is het moeilijke in-het-nu. 

Conclusie

We houden van een eindpunt, een samenvatting, een beknopte uiteenzetting van wat we moeten onthouden: een conclusie. Maar, die heb ik niet. Dat hoeft ook niet. Ik sta even stil, dat is alles.

De foto’s uit deze blog zijn afkomstig uit de fotoserie ‘Natuur & Stad’ van Gerry Boesjes.