Lees hier waarom ik deze actie heb gedaan.

Wat heb ik gedaan?

Ik heb een veganistische Poffert, kniepertjes en eierballen gemaakt. Daar meer over lezen kan via Instagram.

Met mijn eierballen ben ik bij RTV Noord geweest! Bekijk het item hier.

Recepten

Leuk aan veganistisch koken is dat het vaak een stuk makkelijker is dan het van tevoren lijkt. Je hebt meestal geen hele speciale ingrediënten nodig en ook geen bijzondere recepten. Mijn credo is: elk recept kan ook vegan! Dus wil je bijvoorbeeld jouw familie-Poffert-recept gebruiken, dat kan. Kijk simpelweg welke ingrediënten niet veganistisch zijn en vervang die met een plantaardig alternatief. De belangrijkste vervangers voor bakken:

  • Boter:
    Er zijn veel verschillende veganistische botermerken, en de meeste grote merken hebben ook een veganistische versie. In elke supermarkt te koop. Wie weet, misschien heb je zelfs al zonder het door te hebben plantaardige boter in je koelkast staan!
  • Melk:
    Melk kan je vervangen met havermelk, rijstmelk, amandelmelk of sojamelk. Voor koken en bakken werkt amandelmelk voor mij vaak het beste. Maar met havermelk kan je bijvoorbeeld ook prima pannenkoeken bakken of smoothies maken. En het is ook maar net een kwestie van smaak natuurlijk!
  • Eieren:
    Er zijn poeders te koop (ook in veel reguliere supermarkten, maar ook makkelijk online te bestellen) wat je moet aanlengen met een beetje water om een eivervanger te maken. Dit werkt perfect voor baksels. Heb je dit niet in huis, maar wel lijnzaad of chiazaad? Als je dat even in wat water laat weken werkt het ook als een vervanger.

Maar, waar vele recepten makkelijk te vertalen zijn naar het veganistisch, zijn eierballen dat niet. Daarvoor dus hier mijn recept:


Recept veganistische eierbal

Ingrediënten

Voor het eiwit:
  • 300 ml ongezoete amandelmelk
  • 3/4 theelepel kala namak (zwart zout)
  • 2 theelepels agar agar poeder
Voor het eigeel:
  • 100-150 gram aardappel, geschild en in blokjes van +/- 2×2 cm
  • 2 theelepels plataardige boter
  • 1 theelepel edelgistvlokken
  • ½ theelepel kala namak
  • ½ – 1 theelepel kurkuma (tot je tevreden bent over de kleur)
  • ¼ theelepel knoflookpoeder
  • ¼ theelepel uienpoeder
  • ¼ theelepel peper
Om er een eierbal van te maken:
  • 50 gram plantaardige boter
  • 70 gram bloem (+ extra voor het paneren)
  • 2 theelepels kerriepoeder
  • 1 theelepel hete kerriepoeder of chilipoeder (als je van pittig houdt)
  • 1 blokje groentebouillon
  • ½ theelepel zout
  • ½ theelepel peper
  • 250 ml water
  • 250 ml amandelmelk
  • Sap van een halve citroen
  • 1 eetlepel gedroogde peterselie
  • 200 gram paneermeel of broodkruimels

Bereiding

  1. Meng de ingrediënten voor het eiwit in een blender. Breng het vervolgens in een pan aan de kook, roer goed door (enkele minuten) tot het iets indikt.
  2. Laat zowel het eiwitmengsel even afkoelen.
  3. Schenk het eiwitmengsel in je eivorm. Je kan hier een mal voor gebruiken (doorgaans gebruikt om chocolade-eieren mee te maken), of kleine bakjes of eierdoppen zodat je de vorm van een ei kan nabootsen. Als je een mal gebruikt maak je met deze hoeveelheid 10 halve eieren, dus 5 hele. En dus 5 eierballen.
  4. Ze het eiwit minimaal een uur in de koelkast, daar stijven ze op.
  5. Nu gaan we de ragout maken. Smelt de boter in een pan en voeg dan de bloem, kerriepoeder, hete kerriepoeder, een verkruimeld bouillonblokje en het zout en peper toe. Dit een paar minuten bakken op laag vuur, terwijl je er met een garde doorheen roert.
  6. Voeg nu tegelijk het water en de amandelmelk aan je kruidenmengsel toe. Weer goed roeren, zodat er geen klontjes ontstaan.
  7. Blijf de ragout verwarmen, het vuur mag ook iets hoger. De ragout moet goed warm worden en indikken, anders wordt het een enorm geklieder bij het boetseren van de ragout rond de eieren.
  8. Als de ragout goed gaar is haal je het van het vuur. Voeg dan het citroensap en de gedroogde peterselie toe. Roer goed door, schep de ragout in een bakje of op een bord en laat volledig afkoelen.
  9. Tijdens dat je eiwit staat op te stijven en je ragout afkoelt, maak je het eigeel.
  10. Kook de aardappelblokjes, tot ze gaar zijn. Laat iets afkoelen.
  11. Prak de aardappelblokjes (erg fijn, dit is belangrijk voor de structuur) en meng met alle ingrediënten voor het eigeel. De exacte hoeveelheid van de kruiden is ook een kwestie van smaak, proef dus tussendoor. De kurkuma voeg je toe voor de kleur.
  12. Zet in de koelkast tot je eiwit klaar is.
  13. Haal het eiwit uit de mal en haal er met een meloenbolletjeslepel (of anders een theelepel) een klein bolletje uit, zodat daar het eigeel in kan.
  14. Draai bolletjes van het eigeel. Deze bolletjes plakken een beetje, dit houdt de twee eiwitdelen bij elkaar als je ze op elkaar drukt. Zorg dus dat het eigeel de eiwit-gaatjes precies vult.
  15. Als de ragout is afgekoeld kan het boetseren beginnen. Zet drie borden klaar. De eerste met bloem, de tweede met de ragout (verdeeld in 5 gelijke delen) en de derde met paneermeel.
  16. Eerst rol je je eitjes door de bloem. Dan boetseer je met natte handen (belangrijk!) de ragout om je eitje heen (als de ragout goed dik is en volledig is afgekoeld is dit makkelijker dan het lijkt!). Vervolgens rol je je eierbal door het paneermeel, tot hij compleet bedekt is.
  17. Nu alleen nog frituren (4-6 minuten op 180°C) en je bent klaar! Of je vriest (een deel) in, dan mag je een paar minuten langer frituren.  

Tips

Veganist wordt je niet in één dag. Doe het rustig aan en vergaar wat kennis. Dan wordt het steeds makkelijker. En ook als je helemaal geen ambities hebt om compleet veganistisch te gaan eten, bedenk dan dat elke keer dat je het wél doet, ook goed is. Het hoeft niet perfect.

Verder raad ik aan om niet te beginnen met het schrappen van je favoriete gerechten. Kijk juist naar wat je makkelijk kan vervangen, zonder je lievelingseten op te geven. Wist je bijvoorbeeld dat plantaardige room net zo goed een gerecht romig kan maken, en het net zo goedkoop is en zelfs gezonder? En heb je wel eens sojayoghurt geprobeerd, bijvoorbeeld door een smoothie? Gewoon lekker klein beginnen. Kijken wat makkelijk kan, eventueel komen de moeilijke stappen later wel. Maar begin vooral met het simpele, want die eerste stappen hebben net zoveel impact op het milieu als de laatste.