God trekt zich stilletjes terug uit de kerken langs de Waddenkust. In Hornhuizen en Nes werd Hij deels vervangen door kunst, muziek en theater.

Na de verbouwing van de Hornhuizer kerk in 1996 kwamen er al snel klachten uit het dorp. Die hadden niets te maken met de nieuwe bestemming als dorpshuis, die verrassend weinig rumoer opleverde. Maar de toren was citroengeel en dat hoorde niet. Inmiddels is de oorspronkelijke, okergele kleur in ere hersteld en wordt de kerk als dorpshuis volledig door de gemeen­schap omarmd.
Functieverandering van leegstaande kerken is anno 2023 niets ongewoons. Sterker nog: bijna één op de vier Nederlandse kerken is herbestemd, en dat aantal groeit nog. We zoomen in op de succesvol vernieuwde kerken in Hornhuizen en Nes. Welke rol spelen ze aan de Waddenkust? Wat verliezen we als ze door oplopende onderhouds­kosten die rol niet meer kunnen vervullen?

Theaterkerk Nes

De voormalige gereformeerde kerk van Nes is sinds 2018 een cultureel bolwerk. Hij moet de regio Noordoost-Friesland op de kaart zetten met niet-commerciële activiteiten, zoals theatervoorstellingen en exposities. ‘Ik vind dat er vooral vaak óver de regio wordt gesproken, maar niet zo vaak mét de regio’, zegt initiatiefnemer, directeur en programmeur Anke Bijlsma.
Bijlsma vindt dat we zuinig moeten zijn op de brede welvaart in het Noorden. Bovenal ziet zij de kerk, zoals die dat vanouds al was, ‘als een ontmoetingsplek. Een plek waar ontroering centraal staat en waar je als collectief iets kunt ondergaan.’
Na een voorstelling is er ruimte om met elkaar in gesprek te gaan, liefst onder het genot van een lokaal biertje. ‘Bij alle producten die we hier verkopen staan bordjes van hoeveel kilometer er afgelegd is voor dat product. Daarmee geef je ook weer die verbinding met de regio aan.’ Er komen veel mensen op de voorstellingen en exposities af. ‘Het doel is om vijftig procent van de bezoekers van buiten de regio en vijftig procent uit de regio zelf aan te trekken.’
Nu de koude periode achter ons ligt, loopt alles goed. Elke week staan er mooie dingen op het programma en kan de kerk zijn rol als ontmoetingsplek in het dorp vervullen. Maar afgelopen winter moest Bijlsma de deuren nagenoeg volledig sluiten. De energie- en gaslasten liepen namelijk op tot 1.650 euro per maand. Kerken zijn nu eenmaal slecht te isoleren en zeker met de hoge windkrachten aan de Waddenkust is er haast geen beginnen aan.
‘Op ieder evenement had ik geld moeten toeleggen. Dan schrik je wel.’ Bijlsma heeft de tentoonstelling die voor de wintermaanden gepland stond, doorgeschoven naar volgend jaar, in de hoop dat er tegen die tijd een oplossing is.

Hornhuizen

Toen de religieuze gemeenschap van Hornhuizen in 1978 door teruglopende ledenaantallen de kerk moest afstaan, kwam die in handen van Stichting Oude Groninger Kerken (SOGK). De stichting verbouwde en restaureerde de kerk in 1996, waarna die een dorpshuis werd.
Is er een lampje in de kerk toe aan vervanging, loopt het klokwerk stil of wil iemand een rondleiding krijgen, dan moet je Henk Fokkens hebben. Sinds hij in 2012 met pensioen is gegaan, kan hij meer tijd aan de kerk besteden. Hij is er nu de man van het praktische werk en zit met zijn vrouw Marga in de plaatselijke commissie van SOGK – hij als penningmeester, zij als secretaris.

Betrokkenheid bij de kerk is Fokkens met de paplepel ingegoten. Hij heeft altijd in Hornhuizen gewoond. Zijn vader was vrijwillig koster van de kerk. De vroegere boomgaard erachter is zelfs nog van zijn grootouders geweest. Nu is daar, vanwege toenemende belangstelling, een kerkhof van gemaakt, waar diezelfde grootouders begraven liggen.
Begrafenissen vinden nog steeds in de herbestemde kerk plaats, zowel religieuze als niet-religieuze. Ook zijn er jaarlijks bruiloften en andere familiefeesten, zo vierden Marga en Henk hier vorig jaar hun 35-jarig huwelijk.
De kerk is verder voor van alles en nog wat af te huren. Zo was hij onderdeel van de spooktocht vanuit Kloosterburen, ging de Tocht om de Noord er eens dwars doorheen en waren er vele optredens en exposities. De kerk is ingericht op multifunctionaliteit. ‘Als we weten wat het volgende evenement is, toveren we ’m weer om’, vertelt Henk Fokkens. Aan de verhuurgelden houdt de kerk een klein bedrag over, dat gaat naar het potje onderhoudskosten. Van april tot en met oktober is het gods­huis dagelijks open. Alle voorbijgangers kunnen het vrijelijk ontdekken en de toren beklimmen. En dat zijn er ’s zomers nogal wat; tal van fiets- en wandelroutes voeren langs dit mooie plaatsje.
De donaties die mensen achterlaten – contant of via de QR-code die op een verkleurd A4’tje te vinden is – zijn de tweede belangrijke inkomstenbron. Die inkomsten zijn hard nodig, want hoewel het goed gaat met de kerk, is hij kwetsbaar. Er is geen grote reserve en de kosten van onderhoud kunnen snel oplopen. Dit jaar had de kerk gelukkig nog een vast contract voor de energie- en gaslasten, maar dat loopt volgend jaar af.
Aan promotie doet de kerk niet, de aanloop gaat vanzelf. Wel heeft hij geluk met een aantal samenwerkingspartijen vanuit het dorp. Zo zit pal ertegenover herberg en horecalocatie Wongema. Over en weer weten kerk en herberg elkaar te vinden.

‘Het is heiig’, zegt Henk Fokkens onderweg naar de kerk die op een paar honderd meter afstand van zijn huis staat. Toch valt de okergele, vijftiende-eeuwse toren meteen op.
Eenmaal bij de kerk aangekomen, zien we flinke butsen in de kerkdeur. Er is hard tegenaan gebeukt, waardoor het slot stuk is en er diepe krassen in de groene verflaag zitten. Zoiets moet niet te vaak gebeuren.
Fokkens gaat de kerk in, terwijl hij enthousiast vertelt over elk klein detail. Over de ‘graffiti’ die Franse soldaten achterlieten op de muur, de kloostermoppen, het uurwerk, de herenbanken, de negentien kerkbanken die boven de gewelven opgeslagen liggen omdat ze erfgoed zijn en dus het gebouw niet uit mogen en over het orgel. ‘In mijn kinderjaren was de muur achter het orgel wit.’ Tijdens de restauratie kwam een prachtige muurschildering tevoorschijn die hersteld werd en nu de show steelt.
Dan beklimmen we de toren. Als we eenmaal boven zijn, breekt de zon net door en hebben we langs alle windrichtingen mijlenver goed zicht. Fokkens wijst de drukbezochte picknickbanken rond de kerk aan, vertelt welke kerktorens bij welke omliggende dorpen horen. In de verte is Schiermonnikoog zelfs te zien.
Weer beneden wijst hij waar zijn ouders en grootouders liggen. Of hij zelf ook te zijner tijd hier begraven wil worden? ‘Als het even kan wel.’

Tsjerkepaad Fryslân
Mede dankzij Tsjerkepaad Fryslân openen kerken van 1 juli tot en met 9 september de deuren voor publiek. Op zaterdagen van 13:30 tot 17:00 uur zijn 250 godshuizen dan vrij te bezoeken. Zoek een specifieke kerk op, of volg een wandel- of fietsroute, en vrijwilligers staan op je te wachten om je meer over de kerken te vertellen.
tsjerkepaad.nl