In het historische kultuurlandschap diende het heideveld vooral als weidegrond voor het vee. De heide werd intensief betreden, er werden regelmatig plaggen gestoken en de hoge heide werd vaak afgebrand. De bodem bleef daarbij echter intakt. Daarin ontstonden door biologische, chemische en fysische processen de karakteristieke bodemprofielen, die in de bijdrage van Van Heuvelen worden beschreven. Bij de traditionele heideëxploitatie, die ongeveer duizend jaar heeft geduurd, traden verstoringen van het oppervlak alleen daar op waar men gaten groef voor de winning van leem, zand of veldkeien. Ook de talloze, vaak diepe karresporen betekenden een zekere mate van verstoring van het oude oppervlak en van de normale bodemontwikkeling.

Wij willen onze journalistiek zo open mogelijk houden omdat we onze liefde voor het Noorden graag met iedereen delen. Om deze onafhankelijke journalistiek mogelijk te maken, investeren wij veel tijd. Wij hebben lezers nodig om dit te kunnen blijven doen. Voor slechts €57,50 per jaar kun je ons steunen en krijg je vier keer per jaar ons tijdschrift opgestuurd.

Trefwoorden