Het idee om opera’s te presenteren tussen koeien en klepperende ooievaars is niet bedacht, maar toevallig ontstaan. Tot 1989 was Corina van Eijk regieassistente in een groot operahuis in Brussel, waar ze werkte met de top van de operawereld. Het beviel haar allerminst, omdat het niets met theater te maken had. ‘Ik ga gewoon wat in mijn eigen achtertuin doen’, dacht ze opstandig en gelukkig was die achtertuin in het Friese Spanga groot genoeg om er daadwerkelijk iets neer te kunnen zetten. Een half jaar later genoot tweehonderd man op elkaar gepropt publiek van L’Elixer d’amour, uitgevoerd door een klein koor, een klein orkest en een aantal solisten. Het jaar daarop vond de voorstelling door de regen gedwongen plaats in een schuur. Het publiek vond het prachtig maar voor Van Eijk was het…

Wij willen onze journalistiek zo open mogelijk houden omdat we onze liefde voor het Noorden graag met iedereen delen. Om deze onafhankelijke journalistiek mogelijk te maken, investeren wij veel tijd. Wij hebben lezers nodig om dit te kunnen blijven doen. Voor slechts 43,50 per jaar kun je ons steunen en krijg je vier keer per jaar ons tijdschrift opgestuurd.

Trefwoorden