N2 (stikstof) zet onze wereld op zijn kop. Ik hoef maar naar mijn jeugdfoto’s te kijken om de veranderingen te zien. Onze tent op de camping van Schiermonnikoog staat in een open duinlandschap. In mijn geheugen kleeft daaraan de herinnering dat ik stiekem met een vriendje een duinpan zocht. Je moest goed uitkijken voor de boswachter want wie buiten het pad liep, beschadigde de begroeiing en riskeerde een boete. Dat was geen flauwekul: een verstuivend duin wandelde in die tijd zo de dorpsstraat in. Aan het begin van de vorige eeuw was er nog een heel duin compleet met hotel in zee verdwenen!

Hoe anders is het nu. Over de duinen ligt een tapijt van gras, brandnetels, bramen en struiken. Een paar jaar geleden nog hebben draglines de toplaag met begroeiing en al opzij geschoven om natuurlijke zandverstuivingen op gang te helpen. Het blijkt sisyfusarbeid: de duinen zijn weer helemaal dichtgegroeid.

Stikstof is de boosdoener – grotendeels door uitstoot van de landbouw maar ook de industrie en onze levenswijze blazen een flinke deun mee. De Raad van State heeft geoordeeld dat Nederland zich onvoldoende bekommert om de natuur. Eerst moeten we daadwerkelijk minder stikstof uitstoten en pas daarna is er ruimte voor een extra nieuwbouwwijk, een weg of grotere stal. Boerenleiders, bouwers, automobilisten en ministers zijn sprakeloos en boos. Zij spreken van een ‘stikstofcrisis’.

Stikstof is overal: in de lucht, in de bodem. We ademen het in en uit. Planten hebben het nodig om te groeien, niet te veel en niet te weinig. Krijgt een plant een extra shot, dan neemt hij een groeispurt. Maar krijgt een plant te veel stikstof, dan sterft hij af, hij stikt letterlijk. Gras kan veel stikstof hebben en groeit er goed op. Andere planten niet, die zie je dus amper meer op boerenland. De huidige monocultuur van raaigras is precies wat landbouwconsulenten voor ogen stond toen zij na de Tweede Wereldoorlog onze boeren verslaafd maakten aan kunstmest. Dat was de vooruitgang die wij toen wilden. We deden dat in het begin om zeker te zijn van voldoende voedsel, daarna om in de ranglijsten van wereldmachten in het economische domein mee te tellen. Omdat er door die kunstmestboost meer gras groeit, konden we meer koeien voeden. Die stoten weer ammoniak uit – nog meer stikstof. De neergedaalde en weggestroomde uitstoot verstikt onze duinplanten, heidevelden en verstiert de natuurgebieden die als postzegels liggen ingesloten in ons boerenland. De ratrace lijkt zonder einde.

LIJKT, want het perspectief kantelt opnieuw. Jonge, slimme boeren maken andere keuzes – blader recente Noorderbreedtes door en je hebt zo een hoopvolle verzameling. Ook de zeven veehouders op Schiermonnikoog staken hun kop buiten de deur en niet in het zand zoals hun bestuurders doen – zelfs toen in 2015 de stikstofcrisis zich luid en duidelijk aandiende. Met stikstofprofessor Jan Willem Erisman kozen de boeren van Schier voor een andere bedrijfsvoering. Ze doen 230 van de 650 koeien weg en gaan op het eiland zelf weer kaas maken. Minder vee, minder uitstoot, minder kosten en hun inkomsten gaan er niet op achteruit.

Hun doel: over een paar jaar weer stuivende duinen op Schier!