Drenthe deed het een jaar geleden, Groningen volgde in oktober met vier terreinen en nu is het ook in Friesland: natuur wordt naar de ‘vrije markt’ gebracht. Geldgebrek en de plicht om iedereen gelijk te behandelen brengen de provincies ertoe om nieuw ingerichte natuur particulier te verkopen. Dit is het begin van een grotere actie. Na de Séfonsterpolder bij Rijs zullen nog rond de 500 hectaren nieuw ingerichte Friese natuur volgen, zei Hoogland vrijdag terwijl het het bord ‘Te koop’ in de grond drukte. De nieuwe eigenaar moet de Séfonsterpolder beheren als kruiden- en faunarijk grasland en er een langzame overgang maken tussen weiland en het Rijsterbos.

Toeristen fietsen door het glooiende landschap, aan de horizon de vliegers van surfers op het IJsselmeer en verderop ligt een huisjespark. Op deze plek komen nu dus definitief geen holwoningen of een dorp op palen voor dink’s (double income no kids) – er circuleren meer ‘broodje Aap-verhalen’ over dit schitterende stukje IJsselmeerkust. De boer die hier zijn koeien weidde is er al een paar decennia geleden mee gestopt. Zijn grond werd toen aan SBL verkocht. Maar de aanleg van nieuwe natuur stokte en de grond ging weer in de verkoop als boerenland. Daarna werden toch weer andere keuzes gemaakt en de grond is opnieuw aangekocht voor natuurontwikkeling. De provincie heeft er voor 2,5 ton in geïnvesteerd: de slootranden verglijden nu, er ligt een poel, het waterpeil is omhoog gebracht, een wandel- en ruiterpad openen het terrein en tegen de rand van het Rijsterbos aan komen struiken tot ontwikkeling. Hier krijgen wilde planten en dieren de ruimte.

Voorheen ging dit soort nieuw aangelegde natuur naar It Fryske Gea, Natuurmonumenten of Staatsbosbeheer die het in beheer namen. Aan de voorrangspositie van grote natuurbeheerders is een einde gekomen omdat Den Haag verzuimde om in Brussel te verankeren dat deze natuurpartners ideële instellingen zijn. Daarom gelden nu de algemene concurrentieregels van de Europese vrije markt ook bij de aanleg van nieuwe natuur. Ieder bod boven de 312.500 euro op de Sefonsterpolder wordt in overweging genomen.

‘Boeren en particulieren kunnen ook goed kruidenrijk grasland beheren’, toont Hoogland zich vol vertrouwen over deze eerste open inschrijving. ‘Dat hebben we gezien want de provincie verpacht elders ook natuurpercelen aan landbouwers.’ Ook daar moeten boeren zich houden aan de regels voor natuurbeheer – en mogen de productiedoelen niet de hoofdtoon voeren.  ‘Het gaat ons erom dat de doelstellingen gehaald worden. Wie het doet, doet er niet toe.’ Hoogland verwacht serieuze inschrijvers en denkt niet dat varkensmesters van elders of buitenlandse grondspeculanten op de Friese natuurkavels afkomen. De inschrijvers hoeven niet per se ‘natuurboeren’ te zijn, ook een intensief werkend landbouwbedrijf kan inschrijven – dat hoort immers bij de vrije markt. Hoogland: ‘Die inschrijver zal dan wel moeten bewijzen dat hij het kan. En het allerbelangrijkste is misschien wel dat hij moet laten zien dat hij echt wil werken aan die natuurdoelen. Want wij willen onze doelen halen, dat is onmiskenbaar. En dat betekent dat de nieuwe eigenaar zal moeten dealen met beperkingen van het landgebruik.’

Heeft Hoogland zelf een voorkeur? Dat is lastig, de provincie moet immers een open inschrijving houden en iedereen evenveel kans geven. ‘Maar het kan bij wijze van spreken zijn dat boeren onderling  elkaar vinden en dat hier een landbouwcollectief inschrijft. Ik zou het heel goed vinden als boeren het samen doen, jazeker. Bij een collectief heb je in ieder geval er een bestuur op zit en dat er continuiteit is omdat mensen met elkaar verantwoordelijk zijn.’

Begin februari gunt Fryslan de Sefonsterpolder.