Waarschuwing vooraf: vergeet even alles wat logisch of redelijk lijkt. Betreed een wereld waarin mensen steeds minder grip krijgen op hun eigen bestaan en de overheden falen om adequaat te handelen. Een noodsituatie zonder noodwet. De wereld draait door. Ook in de getroffen bevingsgebieden, maar dan net even anders.

Recent wetenschappelijk verantwoord onderzoek, ‘Woltersum, cultuurhistorische ontwikkeling en ruimtelijke waardering’, geeft inzicht in de lange historische lijnen van het wierdenlandschap. Het verklaart hoe dit landschap en het dorp zijn ontstaan en spreekt zich uit over de karakteristieken die Woltersum onderscheiden. Het staat daarin omschreven als ‘een oud, echt dorp met een eigen identiteit’, met aan de Kollerijweg ‘panden die beeldbepalend zijn in het straatbeeld’. Dit soort proza krijgt onbedoeld iets triviaals. Beeldbepalend voor wie? Bestaat er zoiets als een ‘beeldbepalende scheur’? De scheur die je voor de gek houdt; zat die er al? De scheur die je een onheilspellende waarschuwing geeft: het gaat mis. Zonder te overzien wat dat ‘mis’ precies inhoudt. Dus gaan de vier buren jaren door met repareren van de ergste scheuren, vervangen ze kozijnen en blijven ze hoop houden. ‘Want het is ons huis. Dat blijft wel staan.’ Totdat het onuitgesproken vermoeden ook door onafhankelijke deskundigen hardop uitgesproken wordt: hun huizen gaan verloren. Dit is, kernachtig samengevat, de situatie waarin de vier buren van de Kollerijweg zich eind 2019 bevinden.

Vooruitkijken

‘Confronterend dat ze me gelijk gaven’, zegt Boudewijn ’t Sas, die alle vier de huizen goed kent. Hij woont in het eerste huis vanaf het bedijkte Eemskanaal, maar heeft in al de vier huizen geklust. ‘Hooguit het voorhuis van nummer 8 is nog te redden.’ Hij wil niet, maar hij moet opnieuw beginnen. ‘Dan kun je dus niks meer doen.’

Terwijl ’t Sas vanaf 2010 steeds serieuzer nadenkt over stoppen met werken, in 2011 opa wordt en begin 2012 de dreigende doorbraak van de Eemskanaaldijk overleeft, voelt hij – terwijl zijn kleinkind bij hem op bezoek is – ook de grote aardbeving van Huizinge ( augustus 2012). Hij moet opschieten, vooruitkijken, want straks heeft hij de puf niet meer of komen er steeds meer fysieke beperkingen. Dat was in 2012. Inmiddels zijn we zeven jaar verder. Dat hij met zijn vrouw op deze plek zijn oude dag gaat slijten, staat vast. Dat dit niet in dit huis gaat gebeuren, inmiddels helaas dus ook.

Net als veel andere dorpsgenoten in Woltersum, en in andere door bevingen getroffen dorpen, is zijn toekomstperspectief volledig gekanteld door de gaswinning. Iets wat voorheen voor ’t Sas niet veel meer dan een ‘gegeven’ was, ontregelt sinds 2012 dagelijks zijn leven. Soms meer, soms minder. Maar ‘het’ is er altijd. Beloftes, hoopvolle enveloppen met vaak loze informatie. Zicht op schadevergoeding en dan volgt doodleuk een procedure van twee jaar. Voortdurend wisselende medewerkers. Redders in nood met machtsdrang, ingehuurd uit heel het land. De bureaucratische uitzichtloosheid verlamt. Telkens nieuwe obstakels. Het Rijk, de gemeente Groningen, NCG, TCMG, de lokale stuurgroep, het Gasberaad. Allemaal zijn ze druk bezig met de bevingsproblematiek. Maar zodra een oplossing dichtbij lijkt, verandert het Rijk van strategie of worden geldstromen vertraagd en omgelegd.

Meer dan een spelletje

Waar ging het mis? ’t Sas kan dat feilloos duiden. ‘Er is direct al een valse start gemaakt met een vanuit de NAM te snel opgetuigde hulporganisatie Centrum Veilig Wonen. In heel korte tijd werden er meer dan tweehonderd mensen aangenomen, waarvan binnen een jaar ongeveer de helft alweer vertrok. Bovendien is de organisatie op verkeerde, want petrochemische leest geschoeid: geregeerd door protocollen, volledig opgetuigd met logo’s. Dat werkt niet doortastend.’ En hij vervolgt: ‘Wedden dat ooit in een onderzoeksrapport gezegd zal worden: hier hadden we toen een of meer noodverordeningen moeten inzetten?’

’t Sas pakt een pen en legt die op tafel. ‘Sinds kort rollen de pennen hier van tafel. Het voelt hier vertrouwd, want het is mijn huis. En tegelijkertijd o zo vreemd, want je merkt: iets klopt er niet.’ De pen rolt inderdaad moeiteloos bij hem vandaan. Toekijken hoe hun woningen kapotgaan, is voor hem en zijn buren geen optie. Hoogste tijd om initiatief te nemen. ‘Vier op een rij is meer dan een spelletje.’ Sinds de zomer van 2019 zijn de vier op een rij een serieus initiatief van daadkrachtige Woltersummers.

Het laatste wat de vier willen, is een dramaverhaal delen. Past ook niet bij ’t Sas, die in de zomer van 2019 het initiatief nam tot samenwerking met drie buren in een vergelijkbare situatie. ‘Wij zijn buren en lotgenoten. We ondersteunen elkaar, wisselen informatie uit en zoeken gezamenlijk naar een toekomstperspectief. Een experiment dat we zijn aangegaan omdat we merkten dat niemand ook maar enigszins doortastend met een oplossing bezig was. Wij wilden weer vooruit kunnen kijken en een veilig, bevingsbestendig thuis hebben.’ Hij is een constructieve doener en wil geen tijd verliezen. Op het moment dat de sloop van zijn woning bouwtechnisch een feit werd, startte hij met de bouw van een nieuwe schuur. Zo bouwt hij aan zijn toekomst. De nieuwe opslag is nodig om de huidige schuur om te bouwen tot tijdelijke woning.

Op elkaar kunnen rekenen

Voor ’t Sas is het dorp veel meer dan de fysieke neerslag van een cultuur. De niet afleesbare, maar allesbepalende dorpsstructuur en eigenheid van Woltersum bestaat uit mensen. Ook zijn sociale leven is innig verweven met het dorp. ‘Je weet dat je op elkaar kunt rekenen.’ Iets wat wijlen Jules Deelder zo krachtig omschreef met ‘de omgeving van de mens is de medemens.’ Geen toeval dus dat juist ’t Sas, net voordat de aardbevingsproblematiek hem vol raakte, het initiatief nam die mensen in beeld te brengen. Uiteindelijk verscheen vorig jaar Woltersum 2019. Een tijdsbeeld. Een emotioneel moment, want hij kreeg dat boek alleen met vele steuntjes in de rug voor elkaar; dankzij de goede mensen op het goede moment. De verhalen en foto’s vormen een mooie aanvulling op het eerdergenoemde wetenschappelijke rapport. Noorderbreedte publiceerde er enkele portretten uit op de website onder de titel ‘Wij blijven’.

’t Sas wijst op de kracht en de kwetsbaarheid van de samenstelling van dorpsbewoners. ‘De Woltersummers van het eerste uur, de huidige Woltersummers en de nieuwkomers houden elkaar in balans. Als er mensen vertrekken met een lange geschiedenis in dit dorp, werkt dat direct door.’ Twee jaar geleden is hij de Burenband begonnen, de feitelijke voorloper van Vier op een rij. De Burenband bestaat nog steeds, maar ’t Sas had al snel door dat met 170 inwoners een initiatief optuigen veel tijd en moeite zou kosten. Vandaar dat hij er uiteindelijk voor koos op kleinere schaal te starten met buren van wie de woning dezelfde achteruitgang kent als de zijne.

Dijkdoorbraak

Hij wil in zijn dorp het liefst integraal naar oplossingen zoeken. Maar hij ziet het tegengestelde gebeuren: gescheiden benadering van dorpsvernieuwing, herbouw en herstelwerkzaamheden vanwege bevingen. ‘Vlak voordat ik de eerste beving in mijn eigen huis voelde, hebben we op het nippertje, hier iets verderop, een serieuze dijkdoorbraak kunnen voorkomen. Ook dat is de realiteit van Woltersum.’ Het water van het kanaal stroomt achter de dijk – ter hoogte van zijn raamkozijn. Daarom wil hij zijn nieuwe huis het liefst op palen bouwen. Want niet alleen de bevingsproblematiek speelt, ook de stijgende zeespiegel vraagt aandacht.

‘Wij, met z’n vieren op een rij, gaan voor het karakteristieke van ons dorp en willen graag houden wat we hebben. Maar we ontdekken ook dat dat niet langer kan. Dat het tijd is voor een antwoord op de vraag: hoe dan wel? Hoe kijken we in 2050 naar het nu? Welk antwoord bedachten we destijds op de problematiek die er toen was?’ Schuin tegenover ’t Sas, aan de Kollerijweg 5, staat de enige nog werkende zaagmolen in de provincie Groningen. Fram, heet de molen uit 1867, naar het schip van de Noorse ontdekkingsreiziger Fridtjof Nansen. ‘Vooruit’ betekent dat. De molen bepaalt de koers.