Water is de bron van ons leven – zonder schoon drinkwater gaat het niet. En het is ook een noodzakelijk onderwerp bij serieuze plannenmakerij over de inrichting van ons land. We moeten de veerkracht van het land vergroten, water opvangen en langer vasthouden. Waarom? Omdat de zeespiegel stijgt en het land steeds dieper zakt. Wat dat betekent is voor de meesten van ons een enorme denkstap. Toch lukte dat verrassend veel Groningers want de meeste werkelijk ‘vrije’ toekomstplannen gaan over water.

‘Generaties lang proberen de boel droog te krijgen. En nu deze onzin’, reageert Hendrik Visser op twitter. Hij heeft gelijk in het eerste: eeuwenlang werkten we aan droogmalen van het land zodat er mensen kunnen wonen en voedsel verbouwen. Maar daarin zijn we te ver gegaan, zo is inmiddels algemeen (en wetenschappelijk onderbouwd) vastgesteld. Het droge land zakt te ver in – dat verstikt de lucht die we nodig hebben om te ademen. En de zee stijgt harder dan we ons eerder konden voorstellen. Het na de Tweede Wereldoorlog op grote schaal ingezette waterbeleid (sloten dicht terwille van de landbouwproductie en het water zo snel mogelijk wegpompen naar zee) is ten onder gegaan aan zijn eigen succes.

De waterrijke vrijetoukomst-plannen, zoals op de eerste kaart grofweg getekend (en gekleurd) doen Kees de Graaf sterk denken aan de inzending van @EnnoZuidema voor de Eo Wijersstichting. ‘Damals…’, schrijft hij. In 1997 tekende Zuidema ‘Wadiant’, een open noordelijke getijdenkust, in de wandelgangen kreeg zijn plan dan ook de bijnaam ‘doorgeprikt’. Zuidema’s toenmalige concept: maak van de noordelijke kust een ruig gebied waarin getijden de ruimte krijgen. Een gebied met potentie zoals de Highlands in Schotland. Laat die brakke natuurzone het land erachter beschermen tegen de zee en bouw een economie rondom die wildernis. Daarmee gaf hij toen een heel nieuw antwoord op de vraag die de EO Wijersprijsvraag (met Noorderbreedte als partner!) formuleerde: hoe ziet een welvarende periferie eruit? Bedenk een krimpgebied zonder angst voor leegte.

De analyse die onder dit en andere prijswinnende plannen lag (plan Aura behelsde zelfs vijf grote ‘sponzen’) was toen al: kustland met aan de ene kant een stijgende zeespiegel en aan de andere kant inzakkend land is op den duur niet houdbaar. De verdroging en klimaatverandering blijken telkens sneller te gaan dan eerder gedacht en de noodzaak om het land echt anders in te richten stijgt. Zelfs het ministerie voor Landbouw erkende toen al dat de landbouw als economische basis voor het noorden ‘versmalde’ en dat er nieuwe verdienmodellen gezocht moesten worden voor de bewoners van de kust. Zuidema’s plan bood dat. Hij wilde de noordelijke wildernis, het Wadland, gebruiken om mensen uit de stad te laten ontspannen – en kennismaken met de natuur. En hij voorzag grote boerenbedrijven met vee ‘in de ruigte’.

Grootse plannen maken is één, ze realiseren is natuurlijk wat anders. Voor de toenmalige dijkgraaf was deze toekomstvisie  ‘een iets te grote schaal’ – al vond hij het inspirerend. Maar getijden toelaten tot in de stad Groningen dat ging hem te ver. Zo begon de relativering van het ‘wilde plan’. 

Ook in ons debat over ‘vrijetoukomst’ komen er praktische bezwaren tegen visionaire herinrichtingen. ‘Ik woon onder dat blauwe’, tweette Erik. Een begrijpelijke en terechte opmerking. Op het kaartje met de ‘vrijetoukomst-plannen staat veel meer water getekend dan er nu is. In die denkbeeldige toekomst gaan hele streken (of stroken) onder water, zoals bij Winschoten is gebeurd met de Blauwestad en bij Harkstede met Meerstad. Maar vrijdenkers hebben fantasie: ze bedenken oplossingen – hoog en droog wonen op een wierde met rondom zee zoals vroeger, of huizen op het water – arken. Wonen aan de kust kan zo leuk zijn! Dus Erik: fantaseer maar dat je OP dat blauwe woont!

Belangrijk punt van Rob Roggema, de lector die erop hamert dat we bij het beoordelen en belonen van Toukomst-plannen vooral ver vooruit moeten durven kijken, is dat beleidsmakers veelal gericht zijn op praktische belemmeringen en oplossingen voor hedendaagse problemen. Omdat we de toekomstige wereld zo lastig kunnen bedenken. Daarom ook dat Noorderbreedte deze zomer de #vrijetoukomst-plannen die de Hanzehogeschool selecteerde uit het door burgers ingebracht ‘Toukomst’ het podium geeft. 

Bij Waterschap Noorderzijlvest ziet de fractie Water Natuurlijk dat met instemming gebeuren. Zij vindt dat bij het Waterschap een toekomstvisie ontbreekt. Met een ‘blauwe omgevingsvisie’ komt daar beleidsmatig nu wel wat beweging in, zo laten ze weten in een reactie. Codewoord in bestuurlijke kringen is ‘robuust watersysteem’. Nu de droogte zich zo manifesteert beginnen zelfs landbouworganisaties daar belangstellend naar te kijken. En wie boeren wil betalen voor ‘wateropvang’ heeft hun gewillige oor.

Belangstellend wisselde Water Natuurlijk afgelopen week informatie uit met Marco Glastra van het Groninger Landschap. Die heeft samen met andere organisaties het idee ‘Groninger diepen en maren’ ingebracht bij Toukomst. Inzet: gebruik de historische waterlopen voor natuur- en klimaatopgaven en versterk de diepen als erfgoedlinten. Het geheel biedt volop kansen voor leefbaarheid en toerisme. Ook bij hem wordt de kaart van Groningen dus echt veel blauwer dan nu.

Natuurorganisaties hebben dat bij de Hunze al met succes uitgeprobeerd: deze oude rivier was eind vorige eeuw gekanaliseerd en het land eromheen drooggemalen. Na 30 jaar duwen en trekken is de rivier nu grotendeels verbreed, het land eromheen vernat en biedt het plek aan verbazingwekkend diverse planten en dieren. Met een fraaie fietsroute erdoor vergroot dit de aantrekkelijkheid en verdiencapaciteit van de streek. Ook aan de Groninger kust zijn de dijken tussen Delfzijl en de Eemshaven afgelopen jaren op innovatieve manieren versterkt; feitelijk zijn er een piepklein beginnetjes gemaakt met ‘doorprikken’ waar Zuidema het over had. Er zijn zilte stroken land gemaakt en slib wordt ingevangen en hergebruikt om het land op te hogen.

Glastra is een man van de praktijk. Daarom waarschuwt hij: kijk uit dat je met grootse veranderplannen de verhoudingen in de samenleving niet verziekt. Denk aan de Hedwigepolder en hoe de boeren tegenover de natuurbeschermers kwamen te staan. Die strijd heeft diepe kloven in de samenleving geslagen en veel veranderbereidheid teniet gedaan. Daarmee legt hij de vinger op een hele zere plek.

Ik herinner me een symposium van de Waddenacademie waar wetenschappers de noodzaak formuleerden dat we ‘land zullen moeten loslaten’. Het was een besloten sessie, want die woorden kunnen leiden tot diep verstoorde verhoudingen in de samenleving. Maar wordt het geen tijd dat we ‘het beest in de bek durven te kijken’? De waterproblemen vragen om fundamenteel ander landgebruik en inrichting van onze leefomgeving. Laat de ‘vrijetoukomst’-gedachten stromen, durf met zijn allen te verzinnen hoe ons land er over een eeuw uit zou kunnen zien. Die vrije gedachten verdienen onze aandacht, woede en/of lof. Zet ze op de kaart, denk erover door en geef ze vorm. Aan zo’n debat wil Noorderbreedte graag een podium bieden.  

Hier vind je alle artikelen over #vrijetoukomstOok een mening over hoe we in de toekomst in Groningen met water om moeten gaan? Stuur je mail naar vrijetoukomst@noorderbreedte.nl of tweet met #vrijetoukomst.