Het gedachtegoed van beide artikelen is vooral om de natuurlijke dynamiek weer meer toe te laten en te gebruiken voor herstel van natuurwaarden, maar ook voor de benodigde aanpassingen die nodig zijn om klimaatverandering op te vangen. Het herstel en gebruik van deze dynamiek wordt nu in wat kleinere pilotprojecten in de praktijk gebracht en wordt steeds vaker omarmd als een goede oplossing voor onze kustzone.

Het is belangrijk om deze dynamiek heel geleidelijk via pilotprojecten uit te breiden en gelukkig zijn er al een aantal gebieden waar hieraan gewerkt wordt. Het kunnen controleren en beheren van de dynamiek is van belang. Dit klinkt tegenstrijdig, maar is voor grote delen van ons land zeer relevant.

In Nederland hebben we een historie van dijkdoorbraken. Wij hebben het geluk dat we deze al bijna 70 jaar niet meer hebben gehad. Maar als er wel weer een dijkdoorbraak zou plaatsvinden, is de ramp niet te overzien.

De titels en uitstraling van beide artikelen gaan daar wat lichtvoetig mee om. We moeten hard werken aan het terugbrengen en vooral gecontroleerd toestaan van de dynamiek, want op die wijze is Nederland ook ontstaan. Maar we moeten oppassen om dit via al te prikkelende stellingen als ‘we prikken de dijk door’ te promoten. Gezien onze historie zullen deze titels naar mijn mening een averechts effect hebben.

Moeten we de dijk doorprikken en daarmee land loslaten? Noorderbreedte vraagt reactie, aan de hand van twee stukken: Alles stroomt (weer) in het Reitdiep van Jesse Akkerman en Prik door die dijk! van Rob Roggema. Reageer door te mailen naar redactie@noorderbreedte.nl.