De hoeveelheid bezoekers stijgt al een paar jaar op rij. Uit de cijfers van rederij Wagenborg blijkt dat het aantal overtochten van niet-eilanders tussen 2014 en 2019 met 13 procent steeg, naar 640.000 in een jaar. Het aantal auto’s van niet-eilanders op de boot groeide met 25 procent naar 75.000 in 2019.

Wetteloze duinen

CDA-fractievoorzitter Jeroen de Jong stelt in het artikel in Noorderbreedte #2 dat op het eiland onderhand een ‘twaalfmaandeneconomie’ heerst. Folkert Smit, leraar bètavakken op de Burgemeester Waldaschool in Nes, kan dat beamen. ‘Ieder weekend en alle schoolvakanties zijn er toeristen, zelfs tijdens werkweken is het druk.’ Voorheen konden Smit en de andere eilanders buiten het toeristenseizoen tot rust komen, maar daar is nu geen sprake van. ‘Vooral in de dorpen merk je het.’

Voorheen was er ook tijdens de drukke maanden nog genoeg ruimte om je van de drukte te onttrekken, aldus Smit, die jaarlijks helpt met de vogeltellingen. Maar in de eerder bezoekersluwe gebieden, zoals natuurgebied ‘t Oerd, is het tegenwoordig druk. ‘Helaas zitten er veel asociale mensen tussen. Verbodsborden voor fietsers en auto’s worden genegeerd, honden lopen los. Ik heb mensen helmgras uit de duinen zien trekken om mee naar huis te nemen.’ Smit maakt zich zorgen over de natuur. ‘Er moet iets gebeuren om die in stand te houden.’

In de duinen wordt volgens Smit niet gehandhaafd. ‘Die zijn het terrein van Rijkswaterstaat, maar die doet niet zoveel. Het prikkeldraad en de beheerders zijn er twintig jaar geleden weggehaald. Het gebied is nu niemandsland, je kan er met motoren en jeeps je gang gaan. Ook eilanders doen hieraan mee.’ 

Woningen personeel

Het toerisme heeft ook zijn uitwassen in de woonsector. Om in de luxe te voorzien en het hele jaar open te zijn, is er bij de restaurants en hotels meer personeel nodig. En daar zijn woonplekken voor nodig. ‘Vroeger sliep het personeel op de camping, in het lage segment. Nu worden er woningen gekocht en verkamerd voor het seizoens- en vaste personeel’, aldus Jacob Dijkstra. Hij werkt als zelfstandige aan projectontwerp van duurzame energieprojecten en woont meer dan tien jaar op Ameland. ‘In een al krappe woningmarkt worden zelfstandige woningen uit de markt gehaald.’

Dijkstra liet eerder in een betoog op de website van persbureau Ameland al weten niet tevreden te zijn met de ontwikkeling. Hij kijkt op van de alomtegenwoordigheid van het toerisme. ‘Het gaat me niet om één of twee ondernemers, en het eiland leeft van toerisme, maar de leefbaarheid van de bevolking mag niet uit het oog verloren worden.’

Gemeente is op de hoogte

Gemeente Ameland is op de hoogte van de verkamering. ‘In een enkel geval is er overlast gemeld bij de gemeente’, schrijft woordvoerder Heidi Bunicich. De gemeente geeft aan dat er gesproken wordt met de horecaondernemers over de huisvesting van hun personeel. De gemeente vindt de kamerhuur geen probleem, zolang het binnen het bestemmingsplan en met de juiste vergunningen gebeurt.

Het gebrek aan handhaving in de duinen kan de gemeente naar eigen zeggen niets aan doen. ‘Het beheer van de natuur is primair gezien geen taak van de gemeente.’ Kan een natuurbeheerder als It Fryske Gea of Staatsbosbeheer het wellicht overnemen? ‘Die handhaven op hun eigen terreinen’, aldus de gemeente.

Veranderde tijden of veranderde spullen?

De eilanders hadden Ameland vroeger in een aantal maanden en op enkele plekken voor zichzelf. Die dynamiek had misschien meer te maken met de aard van de spullen die toeristen meenamen en gebruikten op vakantie dan met gemeentelijk beleid en regelgeving. Want in campers en tenten breng je geen winters door en maar weinig mensen hebben de puf om op een simpele fiets het eiland over te trekken. Gebieden als het Oerd lagen daardoor van nature in de luwte.

Een verzameling technische en infrastructurele veranderingen hebben daar een einde aan gemaakt. Tentjes zijn nu chalets en fietsen hebben een elektromotortje. ‘Nu zijn er allerlei vreemde voertuigen’, aldus Smit. ‘Elektrische fietsen, scooters, steps, en veel dure auto’s.’ Het eiland is daardoor op twee manieren toegankelijker geworden. In de ruimtelijke zin, omdat het met alle nieuwe voertuigen minder moeite kost de afgelegen plekken en natuurgebieden te bereiken. En in de temporele zin, omdat er nu allerlei voorzieningen zijn om er ook in de koude en natte maanden te overnachten.

Het eiland treft dus op allerlei momenten en plekken nieuwe gezichten. Sinds kort probeert de gemeente de ‘nieuwe toerist’ op te voeden met de campagne ‘welkom in onze wereld’, een website vol met voorzichtige duwtjes in de goede richting. ‘De allermooiste plekjes op Ameland ontdek je wandelend of op de fiets.’ ‘Als je een hond hebt, moet je die zeker meenemen naar Ameland. In de bossen, duinen, dorpen, langs het Wad en op de badstranden moet je je hond aanlijnen.’ Of dat voldoende is, is nog de vraag. Smit vindt de campagne te wollig. ‘Er moet gehandhaafd worden.’

Meer lezen over de Waddenzee? Tjesse Riemersma is waddencorrespondent van Noorderbreedte, in samenwerking met de Waddenacademie. Lees hier al zijn stukken.