Hij komt er niet eens zo vaak overheen. Maar Ben Bruinsma (49) uit Sint Annaparochie bezweek voor de planten op de Afsluitdijk, toen hij er na een tip van een floristenvriend eens goed ging kijken. Nu is hij beschermer van de Afsluitdijk-flora.

De 32 kilometer lange dijk gaat op de schop en plant voor plant moet er aan geloven. Als het aan Bruinsma ligt tiert de vegetatie er straks weer welig. ‘Zulke zeldzame planten staan daar. Ik dacht: Die mogen toch niet zomaar verdwijnen? Neem de zeelathyrus. Er stonden er wel twee of driehonderd. Ik ken geen grotere populatie.’

Bruinsma sloeg aan het verzamelen. Hij plukte tassen vol zeelathyrus, zeevenkel, zeepostelein, zeeweegbree en andere klifsoorten en onttrok er de zaden aan. Stukje bij beetje zaait hij de planten weer terug op de gerenoveerde dijk.
‘Er zijn floristen die zeggen dat je de boel de boel moet laten, gewoon moet zien wat er gebeurt. De planten zijn er zelf gekomen, dus ze zullen ook wel weer terugkeren. Ook prima, maar dan duurt het wel heel lang.’
Hij trekt samen op met het Levend Archief in Nijmegen, een consortium van partijen die een zadenbank hebben opgericht voor alle bedreigde wilde planten in het land. Het Afsluitdijkzaad mag Ben schonen, drogen en bewaren op de zaadzolder van de gemeente Leeuwarden. Eerst deed hij dat thuis en op zolder bij zijn ouders. ‘Maar in Leeuwarden hebben ze betere faciliteiten.’

Bruinsma is ict’er bij de overheid, vooral voor de agrarische sector. Maar meer nog dan ambtenaar is hij buitenmens. Hij observeert nachtvlinders, koestert bijzondere onkruiden op zijn moestuin, klooit wat met mosjes, is bestuurslid bij de Fryske Feriening foar Fjildbiology (FFF) en districtsco√∂rdinator van wilde planten organisatie Floron. Zijn vriendin wil een net gazon, ze moppert dat hij vaker moet maaien. Ben vindt een strakke grasmat minder van belang.
Afgelopen twee maanden ging hij weer zaaien op de Afsluitdijk. Een eerste ronde in december, met vijf soorten, verliep niet goed. ‘De wilde kool kwam al snel op en ik dacht: Oooh, wat mooi. Maar we hadden veel te weinig massa. Het is allemaal opgevreten door de slakken.’
‘Wij moeten experimenteren. Hoeveel zaad hebben we nodig? Wat is de beste methode? Die 32 kilometer lange dijk is een prachtige proeftuin.’

Ondertussen heeft het Waterschap Noorderzijlvest contact gezocht. Ook de Groningse zeedijk wordt aangepakt en Ben werd uitgenodigd in Lauwersoog om te vertellen over zijn Friese project. De vingers jeuken om ook in Groningen planten te gaan redden. Simpel wat zaad van de Afsluitdijk, dat hij toch al heeft, daar neerkwakken kan niet. ‘Je moet wel zorgen dat de soorten die je terugzet daar ook vandaan komen.’
‘Ik wil het mooie behouden’, zegt hij over zijn drijfveer. Een klimaatactivist is hij niet. ‘De wereld redden krijg ik niet voor elkaar.’ Om eerlijk te zijn maakt hij zich ook nauwelijks zorgen. Hittegolven? ‘We hebben nu toch ook weer een prima zomer gehad? Het redt zich wel. Mijn enige zorg is dat we alles volbouwen.’

De Audi die hij rijdt is uit 1990. Daar krijgt hij vaak commentaar op. ‘Dan vraag ik: hoe vaak koop jij een nieuwe auto? Ik repareer de mijne steeds. Ik heb een magazijntje vol onderdelen. Als we het dan toch over duurzaam hebben.’