Hoe groot die gevaren zijn geweest kunnen we tegenwoordig nauwelijks nog bevroeden. Uit de periode voor de bedijking van het noordelijk kustgebied, zijn bijna geen berichten bekend. Alleen Plinius de Oude schrijft in 47 na Chr. over een erbarmelijk volk (misera gens) dat als schipbreukelingen leeft op met de hand opgeworpen verhogingen (tribunalia exstructa manibus). Of dat werkelijk allemaal zo erg is geweest krijgen we pas veel later in beeld. Een uitgebreidere beschrijving van het leven in het terpen- en wierdenland is ons eerst uit de Middeleeuwen bekend. En dan ligt er al een aantal dijken rond het gebied.
Het zijn twee monniken, Emo en Menko, die ons inlichten over het moeizame bestaan in het kustgebied. Hun Kroniek van het Klooster Bloemhof te Wittewierum beschrijft allerlei aspe…

Wij willen onze journalistiek zo open mogelijk houden omdat we onze liefde voor het Noorden graag met iedereen delen. Maar om deze onafhankelijke journalistiek mogelijk te maken, investeren wij veel tijd en geld. Wij hebben onze lezers nodig om dit te kunnen blijven doen. Voor slechts 43,50 per jaar kun je ons steunen en krijg je 5 keer per jaar ons tijdschrift opgestuurd.