Zij bouwden riante woonhuizen en lieten de tuin naar de laatste mode aanleggen. Kosten noch moeite werden gespaard om de tuin tot een waar’pronkjewail’ om te vormen. De nutstuin verdween naar de achtergrond. Schuren en stallen gingen voortaan schuil achter het ‘bergje’ en geboomte. In de volksmond werden de tuinen ‘slingertoenen’ genoemd, naar het kronkelend verloop van de paden. Het glooiende Engelse landschap vormde de inspiratiebron voor de landschapsstijl.
Roodbaard (1782 – 1851) introduceerde deze stijl in de noordelijke provincies. Hij ontwierp met name parken bij Friese stinsen. In de provincie Groningen drukten maar liefst vijf generaties ontwerpers uit het geslacht Vroom hun stempel op tuinen van gegoede boeren.

Stijlkenmerken
Kenmerkend voor slingertuinen zijn onverwachte d…

Wij willen onze journalistiek zo open mogelijk houden omdat we onze liefde voor het Noorden graag met iedereen delen. Maar om deze onafhankelijke journalistiek mogelijk te maken, investeren wij veel tijd en geld. Wij hebben onze lezers nodig om dit te kunnen blijven doen. Voor slechts 43,50 per jaar kun je ons steunen en krijg je 5 keer per jaar ons tijdschrift opgestuurd.

Trefwoorden