Momenteel is in het Noorden weer een revolutionaire radiotelescoop in aanbouw: LOFAR. Deze bestaat niet uit schotels maar uit 25.000 kleine antennes. Sterrenkundigen kunnen hiermee straks ruim 13,7 miljard jaar terugkijken in de tijd, en het staat wel vast dat zij daardoor meer te weten zullen komen over de oorsprong van het heelal.

Astronomen hebben steeds grotere telescopen nodig om nieuwe objecten en natuurkundige verschijnselen in het heelal te kunnen observeren. Hoe groter het instrument, hoe meer elektromagnetische stralen ermee ontvangen kunnen worden. Bovendien kunnen met telescopen ook fijnere details waargenomen worden. Met een grotere telescoop kunnen dus nieuwe objecten worden gevonden en van bestaande objecten kunnen meer bijzonderheden worden bekeken.
Natuurkundige verschijnselen in het heelal zien er in zichtbaar licht heel anders uit dan in bijvoorbeeld radiostraling. Astronomen willen voor hun onderzoek dan ook graag metingen kunnen doen in alle frequentiegebieden van het elektromagnetische spectrum (onder andere licht-, radio-, röntgen-, infrarood-, ultraviolet- en gammastraling). De straling word…

Trefwoorden