Dat er uit verveling mooie, onverwachte dingen kunnen ontstaan, heeft Ton Broekhuis bewezen met zijn onvergetelijke foto’s van de landschappen van Noord- en Oost-Groningen. Deze contreien, waar hij verzeild was geraakt door de liefde, vond hij eigenlijk oneindig saai en maatschappelijk niet relevant. Uit landerigheid richtte hij zijn lens toch op de weidse akkers en wolkenluchten. Gelukkig maar. Zie de pagina’s 12-27 in dit vakantienummer.
De waarde van ‘lege’ uren is slechts één aspect van de ‘innerlijke’ tijd waarover Joke Hermsen schrijft. Ze heeft het dan niet over de tijd die vliegt, dringt en drukt, maar over tijd als iets letterlijk voortdurends. De tijd die maakt dat een mens steeds in wording is – ‘en precies dat maakt zijn mens-zijn uit’. De tijd, kortom, die steeds de mogelijkheid tot vernieuwing, verrijking en verruiming
met zich meebrengt.
Mensen zijn wat dat betreft net landschappen, en omgekeerd: het levende, telkens onvoltooide resultaat van een aangroeiend verleden. Theo Spek, eerst tijdelijk en nu ‘vast’ hoogleraar landschapsgeschiedenis in Groningen, weet daar alles van, zoals u in deze Noorderbreedte kunt lezen.

Trefwoorden