Bus maakt binnenstad groter

Peter Michiel Schaap, architectuurhistoricus en directeur van architectuurcentrum Platform Gras, en fotograaf Mariëlle Gebben ondergaan nieuwe architectuur in Noord-Nederland. Ditmaal: nieuwe Centrumhalte Westerhaven in Groningen.

TEKST
Peter Michiel Schaap

BEELD
Marielle Gebben

Af en toe ga ik met de bus naar de binnenstad. Vaak is er dan wat aan de hand met mijn fiets. Een lekke band bijvoorbeeld, en geen zin om te plakken. De rit gaat dan via de Prinsesseweg en de Wilhelminakade naar de Westerhaven, om vervolgens de binnenstad in te duiken via de Astraat, de Brugstraat en de Akerkhof. Daar stap(te) ik meestal uit.

Eigenlijk is het een ritje van niks. Je kunt net zo goed lopen. Die wandeling is zelfs best mooi. Zeker wanneer je een ommetje maakt door de prachtige Schildersbuurt. Misschien dat ik juist daarom mijn medepassagiers altijd zo onopvallend mogelijk bestudeer wanneer ik weer eens in de bus zit. Helemaal waar het om de fit ogende types gaat. Zouden zij ook geen zin hebben om hun band te plakken? Of hebben zij een hekel aan fietsen en wandelen in het algemeen?

Sinds kort is het ritje verleden tijd. Tenminste, wat betreft mijn oude uitstaphalte.  Groningen weert namelijk de bus uit de binnenstad om ruim baan te geven aan wandelaars en fietsers. De bussen aan de westkant zijn als eerste aan de beurt. Over een paar jaar volgen ook de bussen die nu nog over de Grote Markt denderen. De gehele operatie is onderdeel van ‘Bestemming Binnenstad’. Onder die noemer vergroot de gemeente de bereikbaarheid van de binnenstad, richt ze de Diepenring opnieuw in, waardeert ze de openbare ruimte op en maakt ze van het stadshart een aantrekkelijkere woonplek voor iedereen behalve studenten. Die wonen er namelijk al genoeg.

De eerste zichtbare ingreep is de nieuwe centrumhalte aan de Westerhaven. Alle bussen die voorheen de Astraat indoken, ‘schampen’ hier voortaan het historische centrum. Daarna kun je te voet verder of met een schattig blauw pendelbusje op waterstof dat iedereen die niet kan of wil lopen inclusief zware boodschappentassen alsnog midden in het stadshart afzet.

Maar is het wat, die nieuwe centrumhalte? Ja, dat is het zeker. Verbazend goed is hij geworden. Het geheel is ingericht als een volwaardige openbare ruimte. De bus is hier te gast. Net als de auto overigens die langs de randen, en gemengd met de fietsers, stapvoets wordt ‘afgevloeid’. Zorgvuldig gekozen straatmeubilair bepaalt het beeld, waarbij de lichtmasten ietwat corny refereren aan de oude havenfunctie en de inrichting van de aangrenzende Westerhaven. En laten we de bomen niet vergeten. Die geven de halte meteen cachet. Zeker omdat de bedenkers ervan niet gekozen hebben voor ‘jonge sprietjes’.

Iets verderop valt wel te merken dat het om een complexe ingreep gaat. Het nieuwe busstation begint namelijk al een stuk verderop: bij de Paterswoldse weg ter hoogte van de Zwarte Doos waar de bevingsbureaucratie van Hans Alders tegenwoordig kantoor houdt. Hier draaien de bussen via de Westerhaven richting de nieuwe halte – en andersom. Voor veel automobilisten is de nieuwe situatie nog even wennen. Linksaf slaan richting de Eendrachtsbrug mag bijvoorbeeld niet meer. En misschien blijft het ook wel wennen, want er moet zeker rond de Zwarte Doos wel erg veel opgelost worden op een relatief klein stukje ruimte.

Gelukkig staat daar veel tegenover. De hoogwaardige ontwerpende aandacht die naar de centrumhalte is uitgegaan, is met terugwerkende kracht misschien wel het beste antwoord op de aanhoudende kritiek op het ‘busluw’ maken van de binnenstad. Wie nu bij de Westerhaven uitstapt, waant zich namelijk al in binnenstedelijke sferen. De centrumhalte heeft de binnenstad gewoon wat groter gemaakt. Bovendien onderstreept hij definitief de stedelijke potentie van de Aweg, de Hoendiepskade, de Brugstraat en de Westerhaven zelf.

Ondertussen legt de hoogwaardige inrichting wel wat anders bloot. Want wat is de rest van de Aweg toch een ramp… Blik en parkeren bepalen hier nog altijd het beeld. Bovendien bevatten de gevelwanden aan weerszijden van de straat nogal wat (volkshuisvestelijke) missers, veelal gemaakt in de jaren zeventig en tachtig van de vorige eeuw. En dan hebben we het nog niet eens over de plek waar de Aweg, het Hoendiep en de Eendrachtskade elkaar ontmoeten. Een stadsentree onwaardig.

Misschien moeten we de nieuwe halte daarom maar zien als een tussenstop op weg naar nog meer binnenstad. Dat impliceert in ieder geval minder auto’s en nog meer ruimte voor de fiets en de wandelaar. En vooruit, ook voor de bus. Want als je een lekke band hebt en geen zin om te lopen, blijft het prettig wanneer je een alternatief hebt.