Waar ik deze verkiezingen blij van wordt zijn de onderwerpen die worden aangesneden. Hilversum trekt daadwerkelijk de provincie in en opeens hoor ik over problemen die eerder nooit het nieuws haalden. Vandaag opent de Volkskrant bijvoorbeeld met de vraag over wel of niet het waterpeil verhogen. Een onderwerp dat wij uitvoerig hebben besproken maar dat in nationale media nauwelijks aan bod kwam. En wat dacht je van Pauw en Jinek die drie dagen in Loppersum verblijven? Wat dat betreft mogen er elk jaar wel provinciale verkiezingen zijn.

Maar ik merk ook dat ik in tegenstelling tot dertien jaar geleden al snel verzadigd ben. Moe van de discussie, oneliners en lijsttrekkers die opeens overal opduiken. Ik heb mij deze week meerdere keren afgevraagd hoe dat komt. Is het simpelweg omdat dat ik ouder ben, minder vatbaar voor het politieke spel? Niet meer naïef genoeg om te geloven dat er daadwerkelijk iets veranderd kan worden? Ik denk het niet.

Wat ik zie als ik naar de lijsttrekkers kijk zijn curlingpolitici, die net zoals curlingouders alle problemen voor de burgers zeggen weg te nemen. Wat ik mis is een lijsttrekker die mij aanspreekt op mijn verantwoordelijkheid. Die mij vraagt wat ik doe voor de samenleving. Zodat ik onderdeel wordt van het gesprek en serieus wordt genomen. Nu zie ik politici over ons praten zoals ouders dat doen: ‘Wij weten wel wat het beste voor je is, stil nu maar.’

Net als ik dertien jaar geleden geloofde in verandering zijn er nu honderden jongeren die de straat op gaan om actie te voeren voor het klimaat. Ik hoop dat wij ze serieus durven te nemen. Serieus nemen betekent geen sprookje verkopen van ‘het komt allemaal goed, het gaat ons niks kosten en je gaat er zelfs op vooruit.’ Het betekent verantwoordelijkheid geven en zelf het goede voorbeeld geven. Ik hoop nog steeds op een politicus die dat verhaal durft te vertellen.