‘Als het hier stil is, kun je de kokkels tegen elkaar horen praten’, zegt toezichthouder Bert Meerstra van de Waddenunit. We liggen stil in het Oud Smeriggat, een geul tussen twee zandplaten op gelijke afstand van Schiermonnikoog en Ameland. Vanaf de Krukel, de boot van het ministerie van LNV (Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit) die vernoemd is naar de hoornvormige alikruik, stappen we samen met Gerjan en Denise Zwaan uit Egmond aan Zee het rubberbootje op. 

We zijn onderweg naar de post van Staatsbosbeheer op de Engelsmanplaat, een zandplaat waar veel vogels en zeehonden rusten bij hoog water. Gerjan en Denise verblijven een week lang in de post als vrijwilligers van de Wadwacht. Ze tellen de vogelstand en houden hun ogen open voor menselijke verstoring op de plaat. Dat gebeurt sinds de jaren zeventig. Iedere week van het jaar door een ander stel geoefende vogelaars. 

Beeld: Tjesse Riemersma


Zeldzame vondsten

Eenmaal bij de post aangekomen staan Ron Mes en Ellen Pont uit Leiderdorp onder het huis te wachten. Hun week zit erop. Schone kleren en eten gaan de steiger op, vuile was en afval het bootje in. Ron vertelt enthousiast wat ze gedurende de week aantroffen: het erg zeldzame plantje gelobde melde, en ook helm, een grassoort die je niet vaak aantreft op de zoute grond van de zandplaten. ‘Dat betekent dat er een brakwaterbel onder de plaat zit, van al het regenwater.’ 

De wadwachten zijn de hele dag in de weer. Overdag wadlopen ze geregeld naar een tweede zandplaat, het Rif. Dit jaar staat die vol met biestarwegras, een zwaar ondergewaardeerde plant die goed tegen zout water kan. Biestarwegras heeft wortels op verschillende dieptes en zoekt zo het water op dat precies brak genoeg is. De plant vangt zand op er is daarmee het begin van duinvorming. We hebben daar veel aan te danken, zonder de duinen zou de helft van Nederland niet bestaan. ‘Ik zei altijd tegen mijn leerlingen dat het biestarwegras op het wapen van Nederland zou moeten staan’, zegt Gerjan. ‘Dat was de echte pionier van Nederland.’

Beeld: Tjesse Riemersma

Verstoring

De afgelopen jaren zijn er veel nieuwe soorten op de plaat gespot: tafelgasten, windsurfers en groepjes yoga-cursisten. Bedrijven hebben ontdekt dat er geld te verdienen is door uitjes op de zandplaat aan te bieden. Er zijn diners voor twee en zelfs enkele bruiloften. ‘Laatst één bij windkracht acht’, lacht Bert. 

Voor de corona-uitbraak liepen er soms groepen van wel 300 mensen op de plaat. ‘Er stonden hier mensen bij de post die niet konden bedenken waarom die op palen staat, zo weinig wisten ze van het wad’, vertelt Ellen. Alle drukte leidt soms tot verstoring van de dieren op de plaat.

Op de Engelsmanplaat is helemaal niets. En meer dan niets heb je niet nodig om echt tot jezelf te komen.’ Zo leest de online reclametekst van Yoga op het Wad. Nu we er staan blijkt de reclame er flink naast te zitten, want door de verrekijker is het een drukte van jewelste op de platen. 

Een langgerekte struik op pootjes blijkt bij nader inzien een groep wulpen en de eerste dertien bonte strandlopers komen net aan van hun reis. ‘Nog even en dat zijn er 10.000’, aldus Ron. Aan de westkant van het Rif liggen grote groepen zeehonden in een omgekeerde Shavasana pose voor zich uit te staren: buik tegen de grond, kop naar voren.

‘De vogels komen hier om op te vetten, na de oversteek vanuit Afrika zijn ze de helft van hun gewicht kwijt’, vertelt Bert. De wadwachten balen dat er zoveel mag op de plaat: je hebt geen vergunning nodig voor de bruiloften of diners. Windsurfers scheren vlak langs de kust of liggen stil aan de windluwe kant van de plaat om hun armen wat rust te gunnen. ‘Vaak is het onwetendheid, een goed praatje doet wonderen’, vertelt Gerjan. Maar als de vogels verstoord zijn is het soms al te laat, dan verlaten ze hun nest en kunnen de zilvermeeuwen bij de eieren. Bovendien gebruiken ze voor het opvliegen de energie die ze voor de terug- of doorreis hard nodig hebben.

Handhaven is moeilijk. De wetgeving verbiedt het niet om op de plaat te zijn. Bovendien moet je als handhaver opzet aantonen om boetes te kunnen uitschrijven. ‘Daar is natuurlijk bijna nooit sprake van‘, aldus Bert. Dan kan het middel soms erger zijn dan het kwaad: als de ambtenaren van de Krukel verstoring opmerken, kunnen ze daar wel heen crossen, maar dan creëert dat alleen maar meer verstoring.

Bruinvissen

Op de weg terug valt de boot stil. Bert komt naar buiten met zijn verrekijker voor de ogen. ‘Bruinvissen, ergens tussen die twee boeien.’ Waar hij wijst steken kort twee rugvinnen boven het water uit. Er valt geen patroon te ontdekken in de route van de kleine walvisachtigen. ‘Dat betekent dat ze aan het eten zijn, anders zwemmen ze in een rechte lijn.’ 

Meer lezen over de Waddenzee? Tjesse Riemersma is dit jaar waddencorrespondent van Noorderbreedte, in samenwerking met de Waddenacademie. Lees hier al zijn stukken.