Heeft een club een houdbaarheidsdatum? Nb-eindredacteur Jim Rotteveel stipt die vraag aan en speelt balletje-balletje met het antwoord.

Het Dagblad van het Noorden brengt al een tijdje de rubriek ‘Club van de Week’, waarin op een bijzondere Drentse of Groningse club wordt ingezoomd. Artikelen met een hoog niets-aan-de-handgehalte over sjoelclub De Brikkenmikkers, klim- en klauterclub Survival Norg of watersportclub VWDTP, om een paar uiteenlopende passanten te noemen. Trefwoorden in veel artikelen: ‘enthousiasme’, ‘vrijwilligers’, ‘leegloop’, en elk stuk kent het snaakse infokader ‘Op rapport’, met beoordelingen als: ‘Gehaktbal: 8,5’, ‘Diversiteit: 5,5’ of ‘Zeep in de douches: 3’. Het leest meestal weg alsof je naar erwtensoep op laag vuur zit te kijken.

Medio april was Près Le But uitverkoren. Vertaling van de clubnaam: ‘dicht bij het doel’, het butje, dat kleine balletje waar menig vakantieganger op een Franse camping zijn plastic jeu-de-boulesballen naartoe smijt. Maar pas op, bij PLB wordt petanque gespeeld, Provençaals jeu de boules. Met stalen ballen, business sérieux. Dat er een ‘Club van de Week’-artikeltje aan zat te komen, kon ik twee weken eerder natuurlijk niet bevroeden toen ik was aangeschoven bij de jaarlijkse algemene ledenvergadering.

Tien maanden geleden ben ik lid geworden, maar dat is niet mijn schuld. Letterbroeder en Groningse dichter S.G. zit naast me tijdens de vergadering in het clubhuis met de pittoreske naam La Boulière, pal naast het Groningse Stadsparkpaviljoen. De dichter had me destijds verleid om lid te worden met wervende woorden in een taalregister waarvan een boeuf bourguignon gaat borrelen. Achter in de kantine staat de bestuurstafel, waarachter de voorzitter obligaat de agenda afwerkt: notulen accorderen, ingekomen stukken behandelen, commissies benoemen. Maar het wachten is toch vooral op het benoemen van de olifant in de kamer. Die is groot en grijs. Heel grijs: 85% van de leden is boven de 60 jaar. Een klein tikje tegen het demografische staafdiagram aan, en je hele club dondert rechts van de x-as af.

‘Dagbesteding! Het is hier gewoon dagbesteding!’ steekt iemand eindelijk van wal. Hij zegt het nóg drie keer. Het bestuur reageert onderkoeld en zegt ermee bezig te zijn. En zegt het nóg drie keer. Gekwetter in La Boulière, feitelijk een omgebouwde volière.

Het is een van die dilemma’s waar veel clubs mee worstelen. Er is enthousiasme, er zijn vrijwilligers, maar toch is er leegloop. En vergrijzing, zoals bij PLB. Melden jongeren zich niet meer aan vanwege de vele ouderen? En jaag je de vele ouderen niet weg door een gevreesde cultuuromslag in de slipstream van meer jongeren? Erg ongewenst dat laatste, want het vrijwilligerskorps bestaat grotendeels uit gepensioneerden.

Ondertussen wordt de idylle bij PLB bedreigd. Het artikel weet deze toch nog aardig te benaderen met bewoordingen als: ‘sprookjesachtige omstandigheden’, ‘knisperend grind onder de platanen’ en ‘goed toeven’ op ‘een unieke plek’. Met een 9 voor ‘natje en droogje’…

 Na afloop van de vergadering schuif ik de dichter de schaal bitterballen toe. De twee laatste ballen rollen wild heen en weer. Eén bal belandt precies tegen het kleine kommetje mosterd aan dat ook in de schaal staat. Ik wijs.

‘Die daar près le but, die is voor jou.’

In deze wisselcolumn schrijven Nb-redactieleden ombeurten over wat hen bezighoudt in en om het Noorden.

Trefwoorden