In één van de laatste straten zonder ondergrondse. Wederom net op tijd bij de weg, de robotarm grijpt het vuilnis uit uw oog, uit uw hart. Honger of beter gezegd de trek, roept u voor het ontbijt.

Niet helemaal per ongeluk vergeten, ligt achter in de trommel het kapje volkoren. Na een halve februari en een hele maart ziet het op 1 april de lente zon.

De groene vlakte schittert muf in het licht. U landt er midden in.Deze kleine stap voor u is een grote voor ons allen. Zo ver het oog reikt, strekt het ingewikkelde netwerk van mycelium zich uit.Dwalend langs rhizoiden wordt de route bepaald door het eindeloos smalle hyfepad.

Alhoewel het dit niet nodig heeft, doet de zon het landschap goed. Ondoordringbare structuren vormen een chaotisch spel van lijn en licht. Rakelings scheren beide langs elkaar heen. Dit alles zo precies, geen mogelijkheid schijnt onbenut. Uitgeput in de schaduw van een sporangium komt het besef, dit is de wildernis, ongerept.

Opgesteld namens het ministerie van Economische Zaken. Dit niet meer consumeren, zo stelt de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit. Over de rede van de gereguleerde redelijkheid valt niet te twisten. Verstand dicteert te handelen en zo het geschiedt.

Als eerste onderin een nieuwe grijze zak. Met haar verborgen sporen, nog overal aanwezig in ons cultuur verzadigde land. Ongeduldig wachtend op de dag dat zij uw brood, land en leven weer overnemen mag.